Anda di halaman 1dari 1

OPINIE & ANALYSE 31

H A N S VA N D E W E G H E

GOLF IS GEEN SPORT


Afgaande op de hype rond De Avonturen Over de Grote Plas van onze Golfjongen Nicolas Colsaerts is steekvlamjournalistiek in de sport een pleonasme geworden. Waar hebben we het over? Hij mocht meedoen met de groten. De eerste met een Belgisch paspoort. Verslaggevers trokken naar de overkant. Op slag was de Ryder Cup het belangrijkste evenement van het heelal, maar als Colsaerts in 2014 weer eens naar zijn swing op zoek moet, kraait geen haan nog naar die hele Ryder Cup. Onze golfjongen won overigens maar n partijtje, net vr het weekend waardoor de hype een tijdje kon aanhouden. Zijn drie andere wedstrijdjes verloor hij kansloos, maar telkens als Nicolas aan de beurt was, kwam Karl Vannieuwkerke net niet klaar. Die deed drie dagen lang op de tv alsof hij hoogstpersoonlijk golf had uitgevonden terwijl hij ocharme twee jaar speelt. Goed, daartegenover staat zijn passie voor sport en daarover geen kwaad woord. Golf s geen sport, laat dat vooropstaan. Karl is daarvan het vleesgeworden bewijs. Zijn omvang is ongeveer verdubbeld sinds hij Wielrenner Willen Worden heeft ingewisseld voor zijn nieuwe obsessie, Golfer Willen Worden. Golf is een aartsmoeilijk spel, misschien wel het moeilijkste en daardoor meest boeiende spel dat de mens ooit heeft uitgevonden. Golf is zo moeilijk als hengelen op gras of een variant van mens-erger-jeniet op een heel groot groen bord. In Rio in 2016 staat golf op het programma van de Olympische Spelen, vooral omdat het Internationaal Olympisch Comit nog wel een sponsortje kan gebruiken in de niche van de absolute luxeproducten die graag adverteren in golf. Golf is geen sport (net als schieten) omdat de fysieke arbeid beperkt blijft tot achttien keer een stevige mep geven op een bal en dan nog een keer of vijftig-zestig (of meer) een tikje tegen datzelfde balletje. Tussendoor wordt een paar kilometer gewandeld. A good walk spoiled, een mooie wandeling verknoeid, zei de schrijver Mark Twain over golf. Zover wil ik het niet drijven: golf is top. In mijn Hollandse periode zat in elk redactie-uitje of informele bijeenkomst wel een initiaatsie in de edele golfsport, waarbij we aan het eind van een lange dag de baan op mochten. Na de derde keer mocht ik van de pro (zo heet een golfleraar) al meteen de baan op, meestal in Arnhem en ook wel eens in Goes bij Graeme Rutjes en meestal tegen sporters die ik kende van interviews. Peter Blang bijvoorbeeld, volleybalgoud, of Gianni Romme, schaatsgoud. Onder ons drietjes hebben we hele practice ranges omgeploegd en tees gesloopt. Ik heb zelfs ooit een putting contest gewonnen tegen wereldkampioen schaatsen Jan Bos. Alleen kreeg Jan achteraf de beker mee naar huis want het was een Olympisch uitje en journalisten hoorden niet te winnen van sporters. Ik heb eat your heart out, Vannieuwkerke in 1994 bij de pre Masters press walk op de mythische baan van Augusta mogen afslaan op Rosebud, hole 15. Dat is een par 3, waarbij je over water moet zien te geraken. Ik niet. Ik heb een hele set ballen in het water gedeponeerd en ben toen rood van schaamte naar de perszaal afgevoerd. Niet goed genoeg. Een dag later werd ik verwijderd uit diezelfde perszaal omdat ik een korte broek aanhad. Toen ik de man die mij op mijn korte broek aansprak, er attent op maakte dat ze verdorie van Tommy Hilfiger was en ik (toen althans) goddelijke volleybalbenen had en hm wees op zijn foute witte sokken in bruine leren schoenen, werd ik aan de deur gezet. Dat was niet toevallig nadat ik de hele dag vragen had gesteld aan het zwart personeel dat zich diep in de catacomben van de bijzonder elitaire Augusta National Golf Club buiten het gezicht van de blanke elitaire medemens moest ophouden. Maar, d hamvraag die na deze golfhype rijst, is toch deze: hebben wij nood aan meer golfterreinen in Vlaanderen? Niet direct. Hebben we plaats voor meer golfterreinen? Ook niet echt. Tenzij we komaf maken met die intensieve en overgesubsidieerde landbouw op onze veel te kleine oppervlaktes. Tenzij we een groot deel van die stomme masvelden en weides omploegen in mooie golfcourses en die afgrijselijke boerenhoven verbouwen tot clubhouse. Ik zie alleen maar voordelen: geen stank, geen vervuiling van het oppervlaktewater, geen lelijk landschap, en op mijn fietstochten langs landelijke wegen nooit meer tractoren of dolgedraaide loonwerkers. Leve golf!

Hebben wij hier nood aan meer golfterreinen? Neen. Hebben we er plaats voor? Ook niet

Hans Vandeweghe fileert elke vrijdag de sport uit binnen- en buitenland.