Anda di halaman 1dari 13

De kwestie van al-Imtihaan

De kwestie van

Al-Imtihaan
Het testen van individuen met hun liefde voor Ahloe Soennaah
en hun afkeer van hen.

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Vertaald vanuit het Engels van 
sunnahpublishing.net en vanuit 
het Arabisch en aangevuld en  
bewerkt door Ridouan al Hollandi 

 
De kwestie van al-Imtihaan

Het testen van individuen met hun liefde voor Ahloe Soennaah
en hun afkeer van hen.1
In de Naam van Allaah

Vrede en zegeningen zij met de boodschapper van Allaah

en zijn familie en metgezellen

Vervolgens dit :

De kwestie betreffende het testen van individuen met de ‘Oellamaa en de mensen van Ahloe
Soennaah is er een welke telkens weer verschijnt en welke noodzakelijk blijft zolang de
Sunnah en de Bid’ah en haar mensen aanwezig blijven in de wereld. En in dit artikel willen
wij wat overleveringen uiteenzetten welke de oprechte zoeker van kennis helderheid zal
verschaffen betreffende deze zaak, inshaa Allaah. 2

We hebben gebruik gemaakt van meerdere bronnen waarnaar verwezen is in het


oorspronkelijke artikel van de broeders van sunnahpublishing.net, baaraka Allaahoe fiehiem en
daarnaast hebben wij zelf toevoegingen gedaan welke het onderwerp ondersteunen en meer
duidelijkheid geven. Dit omdat er soms een vertekend beeld word gegeven als men een
enkele uitspraak van een geleerde verspreid zónder diens totale manhaj te bestuderen met
betrekking tot een specifiek vraagstuk, laat staan dat niet iedere fatwa van een Shaych
bindend is en zich baseert op wat de juiste mening is ondersteund door het Boek, de
Soennah en het begrip van de Salaf.

Moge Allaah ons allen verenigen op de Tawheed en de Soennah en wij vragen Hem om de
lezer hiervan profijt laten hebben. Ameen.

                                                            
1
De titel van dit artikel is een hoofdstuk uit het boek “Lammud doriel manthoor mienal qawl il ma’thoer fiel I’tiqaadi was Soennah”
van Shaych Jamaal bin Faarihaan al Haarithie Hafidahoellaah waarin hij vermeld dat deze titel door Shaych Mohammed bin Saalih al
‘Othaimin Rahiemahoellaah werd aangepast toen hij dit boek aan Shaych ibn ‘Othaimin Rahiemahoellaah voorlegde, voordat het boek de
eerste maal gedrukt werd. Dit was in Taa’if op Rabi’ al Awwal in 1417 hijree. De Shaych Rahiemahoellaah verzocht Shaych Jamaal om een
eerder gekozen titel aan te passen namelijk: “Het testen van individuen met hun liefde en haat voor Ahloe Soennaah.” Dit is veranderd in
Het testen van individuen met hun liefde voor Ahloe Soennaah en hun afkeer van hen. De Shaych Rahiemahoellaah vroeg ook om een
kopie voordat het boek gedrukt werd zodat de Shaych een voorwoord kon schrijven maar door diens drukke schema kon hij dit helaas niet
doen. Shaych ibn ‘Othaimin Rahiemahoellaah zei tegen Shaych Jamaal: ”Zulke verzamelingen verbazen mij.”
Het boek is specifiek aangeprezen door Shaikh Saalih Aal Shaych Hafidahoellaah welke een voorwoord in het boek schreef en aangaf dat de
hoofdstukken uit het boek en de onderwerpen voor iedere tijd bruikbaar zijn! Daarnaast voegde de Shaych ook nog overleveringen toe. Het
boek is ook nagelopen en gelezen door al ‘Allamaah Saalih bin Fawzaan al Fawzaan Hafidahoellaah, welke toestemming gaf in het
verspreiden ervan! 
2
 De meerderheid van dit artikel is afkomstig uit bovengenoemd boek en daarnaast ook het profijtvolle boek: “Iedjmaa’ al ‘Oellamaa ‘alaa
Al Hadjaroe wa tahdheer mien Ahli Ahwaa” geschreven door Shaych Khaalid bin Dawhee ad Dhoefayree Hafidahoellaah. Dit boek heeft
in een introductie door drie van de bekende ‘Oellamaa namelijk: Shaych Rabi’ bin Hadie al Madkhalie, Shaych ‘Obayd al Jabirie, Shaych
Zayd bin Hadie al Madkhalie hafidahoemullaah..Daarnaast is het oorspronkelijke artikel aangevuld met overleveringen en woorden van de
‘Oellamaa vanuit het Arabisch door de vertaler. 

 
De kwestie van al-Imtihaan

De Boodschapper van Allaah (sallallaahoe ‘alayhi wa sallam ) zei: “Liefde voor de Ansaar is
een teken van Imaan en haat voor de Ansaar is een teken van hypocrisie.” 3

Aboe Haatim ar Raazi ( overleden op 227 hidjree Rahiemahoellaah ) zei: “Het


onderscheidende teken voor de mensen van innovatie is het lasteren van Ahloel Athaar.” 4

Imaam Aboe ‘Othmaan as Saboenie rahiemahoellaah ( gest. 449 h) zei:

”En de onderscheidende tekenen van innovaties op de mensen zijn overduidelijk. Het


meest duidelijk van hun tekenen en karakteristieken is de ernstigheid van hun
vijandschap en haat ten opzichte van de dragers van de athaar (overleveringen ) van de
Profeet (sallallaahoe ‘alayhi was sallam) en hun verachting van hen.” 5

Imaam Aboe Mohammed al Hassan al Barbaharee rahiemahoellaah (gest 329 h) zei:

“En het opzetten van testen (al Mihnaah ) in de Islaam is een innovatie. Vandaag de dag
moeten mensen getest worden met de Soennaah.” 6

De Moeftie van al Jeezaan, al ‘Allaamah Ahmed bin Yahyaa an Najmee rahiemahoellaah (gest
1429 h) gaf als commentaar in zijn uitleg van Sharh as Soennaah van Imaam Berbeharie:

“Dit betekent dat een persoon getest moet worden totdat bepaald kan worden of hij van
Ahloe Soennah is of niet. Wat duidelijk is, is dat mensen in het algemeen geacht worden
op de Islaam te zijn en niemand zou getest moeten worden tot hij voor ons openlijk
oppositie tegen de madhaab van Ahloe Soennaah laat zien, zoals wanneer hij nalatig is
met betrekking tot al Irdjaa of met betrekking tot het geloof van de Jahmiyyah of de
Soefiyyah of de Raafidah of hetgeen daar op lijkt. Dus hij moet gevraagd worden over
hetgeen hij van verdacht word. Dus als hij een Moerjie is dan zou hem gevraagd moet en
worden: Stijgt Iemaan en daalt het ? En bestaat Imaan uit geloof, uitspraak en
handelingen ? Of is tasdeeq ( het bevestigen van Imaan ) voldoende ? En als hij een
Moe’tazilie is dan zou hij gevraagd moeten worden over de 5 Oesoel ( fundamenten ) van
de Moe’tazilaah. En als hij een Jahmee is dan zou hij gevraagd moeten worden over de
Sifaat ( Eigenschappen van Allaah ) en over zijn uitspraak over het Boek van Allaah. En als
hij een Raafidie is dan zou hij gevraagd moeten worden over Ahloel Bayt ( de familie van
de Profeet ) en of zij foutloos zijn of niet en zo verder.” 7

Shaych Saalih al Fawzaan hafidahoellaah zegt in zijn uitleg van Sharh as Soennah bij nummer
153 (nummering verschilt met de druk van Sharh us Soennaah van Khaalid ar Raddaadi de controleur
van de matn, de inhoud is hetzelfde! ) bij deze woorden van Imaam al Berbeharie
rahiemahoellaah:
                                                            
3
Overgeleverd door al Boecharie (nummer 17, 3573) en Moslim (nummer 74 ). 
4
Overgeleverd door al Lalakaa’ie in Sharh Oesoel I’tiqaad (1/179). 
5
‘Aqeedatoes Salaaf wa Ashaaboel Hadieth van as Sabounie 
6
Sharh as Soennaah van al Berbeharie rahiemahoellaah (nummer 152 ) en Tabaqaatoel Hanaabilaah ( 2/38 ) van Aboe Ya’laa
rahiemahoellaah. 
7
Irshaad oes Saari Sharh Soenah al Berbeharie van Shaych an Najmie ( pag. 243/244 ). 

 
De kwestie van al-Imtihaan

Shaych al Fawzaan hafidahoellaah: “En zijn uitspraak:“En het opzetten van testen (al
Mihnaah ) in de Islaam is een innovatie. Vandaag de dag moeten mensen getest worden
met de Soennaah.”

“ De Basis bij een moslim is het goede en goede gedachten over hem als er niets van hem duidelijk
word wat dit tegen gaat. Dit is een stelregel dus de schrijver zegt zolang er niets anders duidelijk word
van een moslim dan het goede, dan accepteren wij het goede van hem. Zelfs de Moenafiq (hypocriet ),
de Profeet ( sallaallaahoe ‘alayhi wa sallam) accepteerde wat men aan de buitenkant zag van de
Moenaafiqien en liet de kennis van hun innerlijk aan Allaah. En zolang jij niets van hem ziet dan heb
jij goede vermoedens bij hem. Maar als er van hem haat tegen de soennaah duidelijk wordt en tegen
Ahloe Soennaah pas dan op voor hem. Dit is de betekenis van zijn uitspraak ( Imaam Berbeharie
rahiemahoellaah): “En het opzetten van testen (al Mihnah ) in de Islaam is een innovatie.”
Oftewel als er niets slechts van een moslim duidelijk wordt test hem dan niet ( falaa tamtahienoe ).
“Vandaag de dag “. Oftewel in zijn tijd was men gewoon te testen met de soennah omdat de sekten
die naar de islaam opriepen vermeerderd waren. En het is noodzakelijk te weten wie op de soennah is
en laat je niet misleiden dat zij oproepen naar de islaam. En degene die van ahloe soennaah houdt dit is
een bewijs dat hij van de mensen van goedheid is en degene die van de mensen van innovatie houdt dit
is een bewijs dat hij van de mensen van slechtheid is.

“Deze kennis is Religie kijk dus van wie je jouw Religie neemt.” Het opdoen van kennis is
tussen de handen van de ‘Oellamaa van Ahloe Soennaah en niet tussen de handen van de ‘Oellamaa
van Ahl al bid’a.” Einde van zijn woorden hafidahoellaah.

En Imaam al Berbeharie zei: “En kijk, wanneer je een man Ibn Abi Doe’aad, Bishr al
Mariesie, Thoemamaah Aboe Hoedhayl of Hishaam al Foetie of iemand van hun
aanhangers en volgelingen ziet noemen, kijk dan uit voor hem, omdat hij een persoon
van innovatie is. Voorwaard deze personen zijn op afvalligheid en laat deze man die zij
moet goedheid noemen en al degenen die zij noemen van deze groep.” 8

Shaych Saalih al Fawzaan hafidahoellaah zegt in zijn uitleg van nummer 152.

“En zijn uitspraak: “En kijk, wanneer je een man Ibn Abi Doe’aad, Bishr al Mariesie,
Thoemamaah Aboe Hoedhayl of Hishaam al Foetie” als je een persoon ziet oproepen naar de
mensen van slechtheid en de ‘Oellamaa van dwaling net zoals hen die een onderdeel ( afraag ) van de
Jahmiyyah zijn. Weet dan dat hij een zondaar is en een verpest (persoon ) is en een dwalende is .
Want hij verdedigt hen niet behalve (met de onderliggende reden) dat hij van hen houdt en hun pad
bewandeld. En als je een persoon ziet die Ahloe Soennah verdedigt zoals Imaam Ahmed en Ibn al
Moebaarak en ook de ‘Oellamaa van de Tabi’ien en zij die na hen kwamen weet dan dat hij een persoon
van goedheid is. Omdat hij Ahloe Soennah niet verdedigt behalve dat hij van de soennah houdt en het
vasthouden eraan. En dit leert ons een les dat sommige broeders of sommige studenten van kennis
oproepen naar bepaalde innoveerders of mensen van begeerten en ( van een )afgedwaalde
gedachtengoed, en ze kijken niet naar hun gedachtengoed en niet naar hun aanwijzingen en ze vallen

                                                            
8
 Sharh as Soennaah van al Berbeharie Rahiemahoellaah (nummer 152 ) 

 
De kwestie van al-Imtihaan

de mensen van goedheid aan en verkleinen de mensen van goedheid want hij hoort van hen ( de
innoveerders )dat zij hen verkleinen en hij gelooft hen. Dit is een geweldig gevaar als men de mensen
van goedheid en de mensen van kennis ( Ahl al ‘ilm ) en Ahl as Soennah verkleint. En het verdedigen
van de mensen van het afgedwaalde gedachtengoed en afgedwaalde adviezen is een geweldig gevaar.

En als hij maar niet met hen zat ( m.a.w. was het maar zo ) en dit is van hetgeen waarvoor wij
waarschuwen en waarin vele van de mensen nu in vallen.

“Of iemand van hun aanhangers en volgelingen ziet noemen kijk dan uit voor hem” “Als
men hem de mensen van slechtheid of de mensen van afdwalingen ziet prijzen kijk dan uit voor hem.”
Einde van de woorden van de Shaych hafidahoellaah.

En Imaam al Berbeharie Rahiemahoellaah zei: “En wanneer jij een man ziet houden van
Aboe Hoerayra en Anas bin Maalik en Oesayd bin Hoedayr, weet dan dat hij een persoon
van de Soennah is als Allaah het wil.”

En wanneer je een man ziet houden van Ayyoeb ( gest.131 h ) en Ibn ‘Awn ( gest.151 h ) en
Younoes ibn ‘Obayd ( gest.139 ) en ‘Abdollaah ibn Idries al ‘Awdie en as Sho’bie (
gest.103 ) en Maalik ibn Maghool en Yaied ibn Zoeray en Moe’addh ibn Moe’adh en
Wahb ibn Jarier en Hamaad ibn Salamaah ( gest.167h) en Hammaad ibn Zayd ( gest.179 )
en Maalik ibn Anas ( gest.179h ) en al Awzaa’ie ( gest.157h ) en Zaa’iedah ibn Qoedamaah
weet dan dat hij een persoon van de Soennah is.

En wanneer je een persoon ziet houden van Ahmed Ibn Hanbal ( gest. 241h )en al Hajjaaj
Ibn Minhaal en Ahmed Ibn Nasr en hij noemt hen met goedheid en hij spreekt met hun
uitspraken weet dan dat hij een persoon van de Soennaah is.” 9

Aboe Zoer’aah ar Raazi ( gest.264h ) zei ”Wanneer je iemand uit Koefaah Soefyaan ath-
Thawreeh en Zaa’idaah ziet lasteren twijfel dan niet dat hij een Raafidie is. En wanneer je
iemand uit Shaam Makhoel en al Awzaa’ie ziet lasteren twijfel dan niet dat hij een
Naasibie is. En wanneer je iemand uit Khoerasaan ‘Abdollaah ibn al Moebaarak ziet
lasteren twijfel dan niet dat een Moerdjie’ is. En al deze groepen hebben zich verenigt op
haat voor Ahmed ibn Hanbal”. 10

En de Imaam, de Haafidh, Hibatoellaah al Laalakaa’ie ( gest. 418 h ) zei: “ ’Ali Ibn


Mohammed ibn ‘Omar informeerde ons dat, ‘Abdoer Rahmaan ibn Abie Haatim ons
informeerde dat Mohammed ibn Moeslim ons informeerde dat Mohammed ibn Zaadan
zei: “Ik hoorde ‘Abdoer Rahmaan ibn Mahdie ( gest.198 h ) zeggen: ‘Als je een persoon uit
Basra ziet houden van Hammaad ibn Zayd weet dan dat hij een persoon van de Soennah
is.’ 11

                                                            
9
 Sharh as Soennaah van al Berbehaarie Rahiemahoellaah (nummer 143 ) 
10
 Tabaqaatoel Hanaabilaah ( 1/199-200 ) van Aboe Ya’laa Rahiemahoellaah 
11
 Sharh Oesoel I’tiqaad Ahloe Soennaah van al Lalakaa’ie Rahiemahoellaah (nummer 38 ) met verificatie van Shaych al Hamdaan 

 
De kwestie van al-Imtihaan

En hij zei: ‘En Ahmed Ibn ‘Oebayd informeerde ons, Mohammed Ibnoel Hoesayn
informeerde ons, Ahmed Ibn Zoehayr informeerde ons, ‘Ali Ibnoel Madinie informeerde
ons zeggende: “Ik hoorde ‘Abdoerahmaan Ibn Mahdie zeggen: ‘Als je een persoon van de
mensen van Basra ziet houden van Ibn ‘Awn wees dan gerustgesteld over hem. En als je een
man van de mensen uit al Koefaah ziet houden van Maalik ibn Maghoel en Zaa’iedah ibn
Qoedamaah heb dan hoop voor goedheid bij hem. En eveneens met al Awzaa’ie en Aboe
Ishaaq al Fazaarie bij de mensen van as Shaam en Maalik ibn Anas bij de mensen van al
Hidjaaz.” 12

En hij zei: ‘Ahmed ibn ‘Oebayd informeerde ons, Mohammed Ibnoel Hoesayn
informeerde ons, dat Ahmed ibn Zoehayr zei: ‘Ik hoorde Ahmed ibn ‘Abdollaah ibn
Yoenoes zeggen: ‘Test de mensen van al Mowsoel met Moe’aafaa ibn ‘Imraan. Als ze van
hem houden zijn ze van Ahloe Soennaah en als ze hem haten dan zijn ze mensen van
innovatie. De mensen van al Koefaah moeten op deze wijze getest worden met Yahyaa.” 13

En hij zei: “Al Hassan ibn ‘Oethmaan en Mohammed ibn Ahmed ibn Sahl zeiden beiden:
Mohammed ibn Ahmed Ibnoel Hassaan informeerde ons dat Ja’faar ibn Mohammed zei:
Ik hoorde Qoetaybaah zeggen: ‘Wanneer je een man ziet houden van Ahloel Hadieth zoals
Yahyaa ibn Sa’ied ( overleden op 198 hidjree Rahiemahoellaah ) en ‘Abdoer Rahmaan ibn
Mahdie en Ahmed ibn Mohammed ibn Hanbal ( overleden op 214 hidjree Rahiemahoellaah )
en Ishaaq ibn Raahaway ( overleden op 238 hidjree Rahiemahoellaah )- en hij noemde
andere personen- dan is hij op de soennaah. En als hij deze personen tegengaat weet dan dat
hij een innovator is.” 14

Aboe Ja’faar Mohammed ibn Haroen al Moekhrimie al Fallas zei: “Wanneer je een man
slecht ziet spreken over Ahmed ibn Hanbal weet dan dat hij een misleidde innovator
is.” 15

Aboe Haatim ar Razee ( overleden op 277 hidjree Rahiemahoellaah ) zei: “Wanneer je een
Razee of een ander Aboe Zoer’aah ziet lasteren weet dan dat hij een innovator is.” 16

Ibn Mahdie Rahiemahoellaah zei: “Wanneer je een persoon uit Shaam ziet houden van al
Awzaa’ie en Aboe Ishaaq al Fazaaree, dan is hij een persoon van de Soennaah.” 17

Soefyaan ath-Thawrie ( gest.167h ) zei: ”Test de mensen van al Mowsoel met al Moe’afaa
Ibn ‘Imraan.” 18

                                                            
12
 Sharh Oesoel I’tiqaad Ahloe Soennaah van al Lalakaa’ie Rahiemahoellaah (nummer 41 ) en Tareegh ad Dimasq van Ibn ‘Asaakir
Rahiemahoellaah ( 7/128 ). 
13
 Sharh Oesoel I’tiqaad Ahloe Soennaah van al Lalakaa’ie Rahiemahoellaah (nummer 58 ). 
14
 Sharh Oesoel I’tiqaad Ahloe Soennaah van al Lalaka’ie Rahiemahoellaah (nummer 59 ). 
15
 Al Jarh wa Ta’deel (nummer 308/309) van Ar Razee Rahiemahoellaah en Tareegh ad Dimasq van Ibn ‘Asaakir rahiemahoellaah ( 37/31). 
16
 Tareegh al Baghdaad van Al Khateeb al Baghdadee Rahiemahoellaah ( 10/329 ) en Tareegh ad Dimasq van Ibn ‘Asaakir Rahiemahoellaah
( 37/31 ). 
17
 Al Jarh wa Ta’deel (1/217) van Ar Razee Rahiemahoellaah 

 
De kwestie van al-Imtihaan

Imaam Qoetaybah Ibn Sa’ied ( overleden op 240 hidjree Rahiemahoellaah ) zei:”De beste
persoon in onze tijd is Ibnoel Moebarak ( overleden op 181 hidjree Rahiemahoellaah )
daarna deze jongen-wijzend op Ahmed ibn Hanbal. En wanneer je een man van Ahmed
ziet houden weet dan dat hij een persoon van de Soennaah is.” 19

En Imaam Ibn Abie Haatim ar Raazi ( overleden op 277 hidjree Rahiemahoellaah ) zei: ”Ik
vroeg mijn vader over ‘Ali Ibnoel Madienie ( overleden op 234 hidjree Rahiemahoellaah )
en Ahmed ibn Hanbal: wie van hen heeft meer gemmemoriseerd ? Hij antwoordde: ze
zijn dichtbij elkaar betreffende memorisatie, maar Ahmed had meer fikh ( begrip ). En
wanneer je een man ziet houden van Ahmed weet dan dat hij een peroon van de
Soennaah is.” 20

Imaam Noe’aym ibn Hammaad ( gest.228h ) zei: “Wanneer je een man uit Khoerasaan ziet
spreken over Ishaaq ibn Rahawayh betwijfel dan zijn Religie.” 21

En hij zei ook: “Wanneer je iemand uit ‘Iraaq (slecht )ziet spreken over Ahmed ibn
Hanbal, betwijfel dan zijn Religie. En wanneer je iemand uit al Basraah ziet spreken over
Wahb ibn Jareer betwijfel dan zijn Religie. En wanneer je iemand uit al Khoerasaan ziet
spreken over Ishaaq ibn Rahawayh betwijfel dan zijn Religie.” 22

En Baqiyah Ibnoel Walied, Rahiemahoellaah, zei: “Voorwaar, we zullen de mensen testen


met al Awzaa’ie. Dus van degene die hem noemt met goedheid weten we dat hij een
persoon van de Soennaah is.” 23 En Baqiyah was van de studenten van al Awzaa’ie.

En Bishr Ibnoel Haarith zei over Ahmed ibn Yoenoes: “Wanneer Soefyaan naar een groep
van de mensen uit al Moewsoel ging, testte hij hen met liefde voor al Moe’afaa. Dus als
hij zag dat zij een goede opinie hadden van al Moe’afaa dan zou hij hen dichtbij hem
brengen, en zo niet, dan zou hij hen niet dichtbij hem brengen.” 24

Shaychoel Islaam Ibn Taymiyaah zei, terwijl hij sprak over de Ittihaadiyyah, “En het is
verplicht om iedereen te straffen die zichzelf aan hen toeschrijft en hen verdedigt of hen
prijst of hun boeken aanprijst of die bekend is om hen te ondersteunen of te helpen of het
haat dat er over hen wordt gesproken of hij maakt excuses voor hen zoals het zeggen dat
men niet weet wat deze woorden betekenen of wie zegt dat hij dit boek geschreven heeft ?
En zulk soort excuses die niemand maakt behalve een onwetende of een hypocriet. Het is
verplicht iedereen te straffen die hun conditie kent en niet helpt om hen tegen te gaan.
Omdat hen tegengaan een van de verplichtte zaken is. Omdat zij de intellecten en de
                                                                                                                                                                                          
18
 Tadheeb oel Kamaal (28/153) van Haafidh al Mizzi Rahiemahoellaah, Siyaar A’laam an Noebalaa (9/82) van ad Dhahabie
Rahiemahoellaah en at Tadheeb (10/181) van Haafidh ibn Hajar Rahiemahoellaah. 
19
 Siyaar A’laam an Noebalaa (11/195) van ad Dhahabie 
20
 . Siyaar A’laam an Noebalaa 11/198) van ad Dhahabie Rahiemahoellaah 
21
 . Siyaar A’laam an Noebalaa (11/370) van ad Dhahabie Rahiemahoellaah. 
22
 Tareegh al Baghdaad van Al Khateeb al Baghdadee Rahiemahoellaah ( 6/348 ) en Tareegh ad Dimasq van Ibn ‘Asaakir Rahiemahoellaah (
8/132 ). 
23
 Tahdheeb at Tahdeeb (6/218) van Haafidh ibn Hajar Rahiemahoellaah. 
24
. Tahdeeboel Kamaal (nummer 6041 ) van Haafidh al Mizzi Rahiemahoellaah. 

 
De kwestie van al-Imtihaan

Religie corrupt gemaakt hebben bij velen van de schepping van de ouderen, de
Geleerden, de koningen en de Leiders. En zij gaan verder met het veroorzaken corruptie
op aarde en het wegjagen van de weg van Allaah.“ 25 25

De Imaam ‘Aboel Latief Ibn ‘Abdoer Rahmaan Ibn Hassaan ( overleden op 240 hidjree
Rahiemahoellaah ) zei: “Ahloe Soennaah wal Hadieth zijn ieder tijdperk een test geweest
voor de inwoners van de aarde. De mensen van de Soennaah werden onderscheidden
door hun liefde en prijzingen voor hen en de mensen van innovatie werden ontmaskerd
door hun vijandigheid en haat voor hen.” 26

Haafidh al Mizzi Rahiemahoellaah zei: Aboel Hassaan ‘ali bin Mohammed al Matierie zei: Al
Hassaan At Targhabadie al Hamadanee zei: “Ahmed ibn Hanbal is een test met hem kun je
de moslim van de zindiq onderscheiden.” 27

Aboe Haatim ar Razie Rahiemahoellaah zei: “Als je een Baghdadie van Ahmed bin Hanbal
ziet houden weet dat hij een persoon van de Soennaah is. Als je hem Yahyaa bin Ma’ien
ziet haten weet dat hij een leugenaar is.” 28

Mohammed bin Haroen al Falaas Rahiemahoellaah zei: “Als je een persoon Yahyaa bin
Ma’een ziet lasteren weet dat hij een leugenaar is die hadieth fabriceert. Want hij haat
hem door wat hij verduidelijkt van de zaak van de leugenaars.” 29

Shaych Aboe ‘Aasim al Ghamidie hafidahoellaah zegt nadat hij talloze athaar heeft
overgeleverd welke eerder genoemd zijn:

“Vandaag de dag met wie testen we de mensen als we dit nodig hebben ?

We testen de mensen van begeerten en wie het met hen eens is met de ‘Oellamaa van de
soennaah zoals Ibn Baaz en Ibn ‘Othaimin en al Albani en al Fawzaan en iedereen die de
methodologie van de salaaf bewandeld omdat vele oproepen naar het vasthouden aan de
soennah en zij zijn ver verwijdert daarvan dus willen wij hun meningen kennen
betreffende de ‘Oellamaa van Ahloe Soennaah en zonder twijfel wie hen aanvalt hij is
degene wie aangevallen dient te worden bij alle betrouwbare ‘Oellamaa van de soennah.“

Ibnoel Qayyim al Jawziyyah rahiemahoellaah zei: "En de ontkennende Mo’attilaah


misleidde dit met dat. En veranderde van het misleidden ( van mensen ) naar het
verbergen van de waarheid en deze loochenen en het bevestigen wat tegenovergesteld (
dwaling ) is. En als jij hiervan kennis wilt hebben test hen dan met hun zaken en hun

                                                            
25
Majmoo’ oel Fatawa ( 2/132) van Ibn Taymiyaah samengesteld door Shaych ‘Abdoer Rahmaan Ibn Qaasim Rahiemahoellaah. 
26
Ad Doeraroe Sanniyaah ( 4/102) verzameling fatawa en geschriften van de ‘Oellamaa van de Salafie da’waah samengesteld door Shaych
‘Abdoer Rahmaan Ibn Qaasim Rahiemahoellaah. 
27
Tahdeed al Kamaal (1/226 ) Haafidh al Mizzi Rahiemahoellaah. 
28
Tadheeb al Kamaal (20/220) Haafidh al Mizzi Rahiemahoellaah. 
29
Tadheeb al Kamaal (20/220) Haafidh al Mizzi Rahiemahoellaah. 

 
De kwestie van al-Imtihaan

bewijzen en hun algemene uitspraken (en) hun onduidelijke bewoordingen (en


)betekenissen." 30

Shaychoel Islaam Ibnoe Baaz rahiemahoellaah werd gevraagt:

“Degene die Ahloe bid’a prijst en hen verdedigt, valt hij onder hun oordeel ?“

De Shaych Rahiemahoellaah antwoordde: “Ja, daar is geen twijfel over, wie hen prijst en
hen verdedigt, die roept naar hen op. Hij is van hun oproepers, we vragen alle om
gezondheid.” 31

Ibnoel Qayim Rahiemahoellaah zei:

“Zoals overgeleverd werd door Ibn Abi Haatim en Shaychoel Islaam (al Ansaarie al
Harawee ) met hun kettingen dat Hichaam bin ‘Obayd Allaah ar Raazie, de metgezel van
Mohammed bin Al Hassan de rechter van ar Raay, een man in de gevangenis zette door
tadjahoem ( ontkenningen van de Sifaat wat een daad is van de Jahmiyyah ), hij toonde
berouw dus werd hij meegebracht naar Hicham om hem te testen en hij zei: Alle lof is
voor Allaah voor zijn berouw en Hicham testte hem en zei”Getuig dat Allaah boven Zijn
Troon is en apart is van Zijn schepping. Hij zei: Ik getuig dat Allaah boven Zijn Troon is
maar ik weet niet of hij apart van Zijn schepping is. Hij zei ( Hicham ): Breng hem terug
naar de gevangenis want hij heeft geen berouw getoond.” 32

Shaych al Albaani rahiemahoellaah werd een vraag gesteld over Shaych Rabi’ en Shaych
Moqbil, aangezien deze twee Mashaych bid’ah en haar mensen en de afgedwaalde
uitspraken aanvallen. Bepaalde jongeren twijfelden of deze twee Shaychs zich begeven op de
Salafi Manhaj.

Shaych al Albaani rahiemahoellaah zei:

“Wij prijzen Allaah de Verhevene en Verheerlijkte zonder twijfel voor de oprechte


da’wah gebaseerd op het Boek, de Soennah en de methodologie van de vrome
voorgangers. Meerdere uitnodigers in de verschillende Islamitische Landen die de
gemeenschappelijk verplichting ( Fard al Kifaa’ie ) uitvoeren, die weinigen vandaag de
dag uitvoeren in de Islamitische Wereld. En derhalve, het verkleinen van deze 2 Shaychs (
Rabi’ en Moqbil ) die oproepen naar het Boek en de Soennaah en hetgeen waar de vrome
voorgangers op waren en het bestrijden van degenen die de correcte methodologie
tegengaan zoals duidelijk te zien is voor iedereen, komt enkel van een van de twee
soorten personen:

1. Een ontwetende ( Jaahil ).


2. Of een persoon van begeerten ( Saahiboel Hawaa ).

                                                            
30
Ibnoel Qayim al Jawziyaah Rahiemahoellaah in zijn As Sawaa’iq al Morsalaah 4/1215 

31
 uitleg van Fadl al Islaam van de Shaych rahiemahoellaah. 
32
 Idjtimaa’ al Djoujoush al Islamiyaah ( blz. 75.). 

 
De kwestie van al-Imtihaan

Een ontwetend persoon, zoals eerder gezegt is, kan mogelijk makkelijk geleid worden
omdat hij denkt dat hij op kennis is. Dus wanneer correcte kennis voor hem duidelijk
wordt dan wordt hij geleid. En daarom zeg ik op veel van de bijeenkomsten dat er bij
bepaalde Jama’aat uit deze tijd en zij zijn afgedwaald van onze da’waah...., We zien dat er
bij hen oprechtheid is en ik zeg hun recht op mij is van degene die met ons zijn in onze
da’waah, maar het wordt duidelijk dat zij niet met ons zijn in oprechtheid wat een
voorwaarde is voor acceptatie bij iedere goede daad.

Als voor de persoon van begeerten dan hebben we geen weg om hem te leiden behalve
dat Allaah de Gezegende en Verhevene hem leidt. Daarvoor degenen die deze 2 Shaychs
bekritiseren, zoals wij eerder zeiden, is of een ontwetend persoon die geleerd moet
worden of een persoon van begeerten tegen wiens kwaad Allaah Zijn bescherming
gezocht moet worden. We vragen Allaah of om hem te leiden of om zijn rug te breken.” 33

Shaych as Soebayl, Imaam van Masjid al Haraam uit Mekka, hafidahoellaah werd gevraagd
over hen die bandjes van Shaych Rabi’ en Shaych Mohammed Amaan al Jaamee niet
verspreidden en tegen hen waarschuwden en hen lasterden.

Shaych as Soebayl zegt:

“Ik vraag bescherming bij Allaah, ik vraag bescherming bij Allaah, de bandjes van deze
twee Mashaych zijn van de beste bandjes, ze roepen op naar de soennaah en het
vasthouden aan de soennaah, maar er word niet over hen gesproken behalve door een
persoon van begeerten en de meesten die over hen spreken zijn van de groeperingen,
degenen die vasthouden aan een groepering van de groeperingen…. en met betrekking tot
deze twee Mashaych, ze zijn bekend, ze houden zich vast aan de soennah en de
geloofsleer van as Salafiyyah, zij zijn van de beste mensen.” 34

Ibn Taymiyyah rahiemahoellaah zei: “Deze bewoording werd overgeleverd door Shaychoel
Islaam Aboe Isma’iel al Haraawie in het boek al Faroeq Ibn Abi Haateem leverde ook
over dat Hichaam bin ‘Obayd Allaah ar Raazie, de metgezel van Mohammed bin Al
Hassan de rechter van ar Raay, een man in de gevangenis zette door tadjahoem (
ontkenningen van Sifaat ), hij toonde bertrouw dus hij werd meegebracht naar Hicham
om hem vrij te laten en hij zei: Alle lof is voor Allaah voor zijn berouw en Hicham testte
hem en zei”Getuig jij dat Allaah boven Zijn Troon is en apart is van Zijn schepping ? Hij
zei: Ik getuig dat Allaah boven Zijn Troon is maar ik weet niet of hij apart van Zijn
schepping is. Hij zei ( Hicham ): Breng hem terug naar de gevangenis want hij heeft geen
berouw getoond.” 35

Ibn Taymiyaah Rahiemahoellaah zei: “En de Imaan ken je van een persoon zoals je de
toestand van zijn hart kent door zijn verwantschap en zijn vijandschap en zijn blijdschap

                                                            
33
 Van de cassette opnamen Liqaa Abi Hassaan al Ma’ribie ma’a Shaych al Albani Rahiemahoellaah. Luister hier:
http://www.fatwa1.com/anti-erhab/Salafiyah/olamamadinah/albani_rabe-moqbel.rm 

34
 Van de cassette opname Kashfoel lithaam ‘an moekhaalifaat Ahmed Salaam. Luister hier:
http://www.fatwa1.com/anti-erhab/Salafiyah/olamamadinah/sobyel_rabe-jami.rm 
35
 Shaychoel Islaam Rahiemahoellaah in Majmoo’al Fatawa (5/49 ). 

 
De kwestie van al-Imtihaan

en zijn woede en zijn honger en zijn dorst en ander dan dat. Omdat deze zaken een
samenhang met de buitenkant ( wat men uiterlijk ziet bij een persoon ) hebben en de
uiterlijke zaken hebben een samenhang met innerlijke zaken en deze zaak kent hij en
kennen de mensen als men hem uit probeert en hem test.” 36

De Imaam, de Haafidh, Qawwaam as Soennaah Abie Qaasim Ismaa’iel bin Mohammed bin
Fadl at Taymie al Asbhaanie rahiemahoellaah zei: “Onderdeel: Het is aan een persoon om van
Ahloe Soennaah te houden op welke plaats ze ook zijn met de hoop op liefde van Allaah…………

En het is aan hem om Ahloe bid’a te haten waar ze ook zijn totdat hij word van degenen die houden
omwille van Allaah en haten omwille van Allaah. En het houden van Ahloe Soennaah is een teken en
het haten van Ahloel bid’ah is een teken. Als je een man Maalik bin Anas en Soefyaan bin Sa’ied ath-
Thawrie en ‘Abdoer Rahmaan bin ‘Amroe al Awzaa’ie en ‘Abdoellaah ibn al Moebaarak en
Mohammed bin Idries as Sjaafi’ie en de Imaams over wie tevredenheid is met goedheid, weet dan dat
hij van Ahloe Soennah is en als je een persoon ziet discussiëren over de Religie van Allaah of ziet
redetwisten over het Boek van Allaah en je zegt tegen hem, ’de Profeet van Allaah sallallaahoe ‘alayhi
wa sallam zei’. Hij zegt: ‘het Boek van Allaah is voldoende voor ons.’ Weet dat hij een persoon van
innovatie is. Als je een man ziet wanneer er tegen hem gezegd word waarom schrijf je de hadieth niet
op dan zegt hij: ‘Het verstand komt eerst’ weet dan dat hij een persoon van innovatie is. Als je hem de
filosofen en de Handasa (astrologen) ziet verdedigen en hij verdedigt degenen die boeken schrijven
waar dit instaat weet dat hij een dwalende is. Als je een man ziet die Ahloel hadieth waardelozen
noemt of moeshabihaa (degenen doe Allaah vergelijken met Zijn schepping )of Naasiba weet dat hij een
innoveerder is. En als je een persoon ziet die de Sifaat ( eigenschappen ) ontkent of vergelijkt met de
eigenschappen van de geschapene weet dat hij dwalend is. De ‘Oellamaa zeiden: ‘Er is geen
innoveerder in de Wereld of de zoetheid van hadieth is uit zijn hart weggehaald. “ 37

Tot zover hebben wij wat bewijzen gegeven vanuit de soennaah, woorden van de Salaf en de
moedjtahid Imaams na hen dat het testen van personen van de Deen is. Alhamdoellilaahi
Rabil ‘aalamien wa salaatoe wa sallam ‘ala Nabiejana Mohammedin wa ‘alaa aalihie wa
sahbihie ajma’ien.

Einde

                                                            
36
 Shaychoel Islaam Rahiemahoellaah in Minhaaj as Soennaah (8/475 ). 
37
 Shaych at Taymie al Asbhaanie Rahiemahoellaah in Al Hajaah fie Bayaan al Mahadjaa wa sharh ‘aqeedah Ahloe Soennaah (2/ 539-540)

 
De kwestie van al-Imtihaan

 
De kwestie van al-Imtihaan