Anda di halaman 1dari 6

OGP3

Format voor sterkte-zwakte-analyse bij lesontwerp


Domein: Taal Rekenen/ wiskunde OJW BVO*
*omcirkel wat van toepassing is

Voor een meer uitgebreide beschrijving van de standaarden en criteria, zie


bladzijde 2 van de OGP3-opdracht. Of via
https://www.fontys.nl/pabo/denbosch/competentieprofiel/Propedeusefase/index.html

Sta bewust stil bij jouw doelen voor de groep, zoals geformuleerd in de
overdenking van de groep
Denk in je antwoorden aan de terugkoppeling naar zowel (vakspecifieke) theorie
als praktijk
Wat ging goed?

B1. Leerdoelen stellen


De student kiest in zijn lesontwerp
voor passende leerdoelen (proces- en
product) die aansluiten bij leerlijnen en
het bestaande onderwijsprogramma
van de stagegroep.

Lesdoel(en):
Productdoelen
- De kinderen weten aan
het einde van de les wat
het Paasverhaal inhoud.
Zij kunnen dit in eigen
woorden vertellen
- De kinderen kunnen
aan het einde van de
les situaties uit het
dagelijks leven halen
die betrekking hebben
over het onderwerp
(vriendschap, verraad)
Procesdoelen:
- De kinderen oefenen
het luisteren naar
elkaar. Dit doen zij door
na te vertellen wat de
ander heeft verteld.
- De kinderen oefenen
met het uitspreken van
hun gevoelens.
Kerndoel 38: De leerlingen
leren hoofdzaken over
geestelijke stromingen die in de
Nederlandse multiculturele
samenleving een belangrijke rol

Wat mag beter?

Ik kreeg van
mijn mentor te
horen dat ik
vaak erg laat
was met het
opsturen van
mijn planningen.
Dit heb ik dus
als leerdoel
opgesteld zodat
ik hier meer
aandacht aan
kan geven.

spelen, en ze leren respectvol


om te gaan met seksualiteit en
diversiteit binnen de
samenleving, waaronder
seksuele diversiteit.
Leerlijnen:
Zingeving:
- godsdienstige feesten
-

godsdienstige verhalen

godsdienstige gebruiken

De student laat zien dat hij


een reel beeld heeft van de
wijze waarop hij in zijn
lesontwerp
kiest
voor
passende leerdoelen (procesen product) die aansluiten bij
leerlijnen n aansluiten het
bestaande
onderwijsprogramma van de
stagegroep
-

Ik heb de lesdoelen
opgesteld aan de hand
van de methode en het
kerndoel. Alle lesdoelen
heb ik ook behaald
tijdens mijn les.

De persoonlijke
leerdoelen die ik heb
gesteld waren volgens
mijn mentor al behaald.
Ze vond dat ik hier niet
zo veel aandacht meer
aan hoef te besteden en
beter een leerdoel kan
pakken waar ik wel nog
moeite mee heb.

Een persoonlijk lesdoel


wat ik blijf houden is de
duidelijkheid en
structuur geven aan de
kinderen. In mijn
typering en overdenking
staat ook dat dit erg

belangrijk is voor de
kinderen. Dit is iets
waar ik dus altijd
aandacht aan wil
besteden zodat de les
soepel verloopt.

B3. Leeractiviteiten begeleiden


De student toont aan dat hij in staat is
om in de lesuitvoering coperatieve
werkvormen te hanteren. De student
toont aan dat hij leerlingen hulp biedt
bij het leerproces, rekening houdend
met de kenmerken van de groep. Hij
bevordert de samenwerking tussen
leerlingen en de redzaamheid van
individuele leerlingen.

De student laat zien dat hij


een reel beeld heeft van de
wijze waarop hij hulp biedt bij
het leerproces en rekening
houdt met de kenmerken van
de groep.
-

De kinderen hebben
vooral moeite met het
naar elkaar luisteren
tijdens een
kringgesprek. Ik heb
verschillende
oefeningetjes bedacht
zodat de kinderen
oefenen met het
luisteren naar elkaar.

De student laat zien dat hij


een reel beeld heeft van de
wijze waarop hij de
samenwerking tussen
leerlingen bevordert* en de
redzaamheid van individuele
leerlingen bevordert.
-

Ik heb de kinderen niet


laten samenwerken
omdat ik het een heftig
onderwerp vond en de
kinderen zich vrij
moeten voelen om
dingen over het
onderwerp te zeggen.
Wanneer je dit in
groepjes laat doen kan
het zijn dat een kind
zich niet prettig bij de
situatie voelt en bang is
om veroordeeld te
worden dus daarom niet
zegt wat hij zou willen

Naar mijn
mening verliep
de les op dit
vlak goed.

A3. Leiding geven aan het


groepsproces
De student toont dat hij samenwerking
leren tijdens de onderwijsactiviteiten
bevordert en laat expliciet zien dat hij
kinderen aanspreekt op gedrag, hen
positief stimuleert en zicht houdt op
alle groepjesleerlingen.

zeggen.
Klassikaal vind ik dat de
kinderen dit wel kunnen.
Kinderen zien dat
andere kinderen open
zijn dus kunnen zij dit
ook zijn. Ook kan ik de
kinderen begeleiden in
het gesprek terwijl dit
niet altijd kan wanneer
de kinderen in groepjes
gaan werken omdat ik
niet op alle plekken
tegelijk kan zijn.

De student laat zien dat hij


een reel beeld heeft van de
wijze waarop hij kinderen
aanspreekt op gedrag, hen
positief stimuleert en zicht
houdt op alle groepjes
leerlingen.
- Wanneer ik het
vervelend vind wat een
kind doet spreek ik hem
of haar hierop aan. Dit
doe ik in de ik-vorm. Dit
was ook een persoonlijk
leerdoel wat erg goed
gaat. Deze mening deelt
mijn mentor.

De student laat zien dat hij


een reel beeld heeft van de
wijze waarop hij
samenwerkend/coperatief
leren tijdens de
onderwijsactiviteiten
bevordert*
-

A4. Interactie aangaan met de groep


De student toont aan dat hij vanuit een
onderzoekende houding gesprekken
voert met de leerlingen door actief te

NVT zie B3.

De student laat zien dat hij


een reel beeld heeft van de
wijze waarop hij evalueert de
onderwijsactiviteiten met

Ik merk dat de
kinderen erg
enthousiast zijn
tijdens mijn
lessen. Dit is
erg positief
maar kan soms
overlopen tot
iets negatiefs.
Aangezien er
heel veel
kinderen zijn die
kopieergedrag
vertonen kan
het al snel uit de
hand lopen. Ik
moet er de
volgende keer
voor zorgen dat
ik de kinderen
ruimte geef
zover het kan
om gezellig en
enthousiast te
zijn maar ook
duidelijk aan
geef wanneer
het klaar is.
Naar mijn
mening verliep
de les op dit
vlak goed.

luisteren. De student evalueert de


onderwijsactiviteiten met kinderen en
hij geeft feedback aan leerlingen op
het samenwerkingsproces en/of op de
gestelde doelen.

kinderen en geeft feedback


aan leerlingen op het
samenwerkingsproces en/of
op de gestelde leerdoelen
(proces-en product).
-

Ik vraag vooral
feedback aan de
kinderen om erachter te
komen of ik de
lesdoelen behaald heb.
Ik stel vragen aan de
kinderen om erachter te
komen of ik mijn
lesdoelen heb behaald.
Ik wilde geen werkblad
of dergelijk maken
omdat ik dat niet bij het
gesprek vond passen.
De hele les praten we
over een bepaald
onderwerp, dus ook het
controleren van de
lesdoelen.

De antwoorden die de
kinderen geven zijn
nooit fout en ik moet
hier zonder mening op
reageren zodat de
kinderen ook niet het
gevoel kunnen krijgen
dat zij het fout doen.
De kinderen moeten vrij
zijn om te zeggen wat
ze willen zeggen over
een bepaald onderwerp.

Om interactie met de
groep te hebben doe ik
een staan-zitten spel
over verschillende
stellingen. Ook stel ik
vragen over het
onderwerp waar de
kinderen antwoord op
geven.
Het staan-zitten spel
doe ik bij veel lessen. Ik
merk dat dit de
betrokkenheid verhoogd
omdat de kinderen dan

iets mogen doen. De


kinderen moeten tijdens
het gesprek niet alleen
maar op hun stoel
zitten.
B2 Leeractiviteiten ontwerpen
De student toont in het ontwerp aan
dat hij coperatieve werkvormen
hanteert.
De student maakt zichtbaar dat hij
voor aanvang van de lesactiviteiten
benodigde materialen en leermiddelen
klaar zet.

De student maakt zichtbaar


dat hij voor aanvang van de
lesactiviteiten benodigde
materialen en leermiddelen
klaarzet.
-

Van te voren heb ik de


kring klaargezet en heb
ik voor mezelf het
paasverhaal nog even
op een rijtje gezet.

Naar mijn
mening verliep
de les op dit
vlak goed.