Anda di halaman 1dari 3

Naam van student: Ashley Schriders

Les / vakgebied : Rekenen

Sterk Kan beter


Lesontwerp x
Onderbouwing van lesontwerp x
Lesuitvoering (eigen reflectie) x
Lesuitvoering (feedback wpb) x
Overig (bv vanuit overige/ tussentijdse x
feedback van medestudenten, docenten,
werkplekbegeleider)

Realisatie van welke van de kritische handelingen wordt op basis van


bovenstaande inventarisatie daadwerkelijk zichtbaar in dit vakgebied?:

B.1: Leerdoelen stellen.


B.2: leeractiviteiten ontwerpen.
A.4: Interactie aangaan met de groep.

B.1: leerdoelen stellen:

Voor deze les had ik duidelijk een eigen doel. Het was een methode les en deels een
eigen gemaakte les. De tijdsplanning in de les is dus erg belangrijk. Dit was mijn eigen
persoonlijke leerdoel deze les. De leerlingen krijgen concreet materiaal en hebben wat
meer vrijheid in de les, waardoor er qua tijd snel iets zou kunnen uitlopen. Daarom is een
tijdsplanning extra belangrijk. Ook vraag ik elke duidelijk feedback op mijn leerdoel(en).
De leerlingen krijgen ook lesdoelen/leerdoelen. Deze zullen ook haalbaar moeten zijn en
juist geformuleerd zijn. Mijn eigen leerdoel is smart geformuleerd.

B.2: leeractiviteiten ontwerpen:

Een van de punten die duidelijk terugkomt in mijn les is het ontwerpen van
leeractiviteiten. Deze uitgevoerde les is een les uit de methode en deels een eigen
gemaakte les. Dit is een bewuste keuze geweest. Door zelf een les te maken en ook
deels aan te sluiten op de methode is er een combinatie mogelijk waarmee de leerlingen
de rest van dit blok verder kunnen.

In deze les was het belangrijk een duidelijke tijdsplanning te hebben om mezelf aan te
houden en ook ervoor te zorgen dat ik mezelf aan deze tijdsplanning zou houden. Dit heb
ik gedaan door gebruik te maken van timetimers op het digibord. Zo was er overzicht
voor de leerlingen en voor mezelf. Verder was het belangrijk dat de leerlingen met
verschillende werkvormen aan de slag konden. De volgende werkvorm stond centraal in
deze les:

Samenwerken in tweetallen (samenwerkend leren).


Door gebruik te maken van samenwerkend leren kunnen de leerlingen meer op
samenwerkingsgebied. Mijn keuze was om dit in tweetallen te doen. Bij het sociogram
vielen een aantal leerlingen op werkrelaterend gebied uit. Door samen te werken in
groepjes van vier moeten de leerlingen allemaal samenwerken met elkaar. De leerlingen
die uitvallen op werkrelaterend gebied kunnen nu een succeservaring opdoen met een
goede samenwerking. Ook is er zelfstandig gewerkt tijdens deze les. Vooral voor de
leerlingen die moeite hebben met verandering en gedrag is rust belangrijk. Door voor
deze leerlingen werktijd in te plannen zodat ze zelfstandig kunnen werken kunnen deze
leerlingen weer tot zichzelf komen. Er is dus vooral ook gekeken naar individueel aanbod
voor leerlingen in de klas.

Verder heb ik rekening gehouden met de theorie waarvan we dit kwartaal gebruik zouden
maken. Dit onderdeel zou ik de rekenles zichtbaar moeten worden.

Vijf kenmerken van realistisch rekenen:

Sommen zitten in een context.


o Construeren en concretiseren
Een model helpt bij het oplossen
o Niveaus en modellen
Kinderen kiezen een strategie.
o Reflectie en eigen productie
Er is sprake van verstrengeling van bewerkingen.
o Structureren en verstrengelen
Er vindt onderling overleg en communicatie plaats.
o Sociale context en interactie

A.4: Interactie aangaan met de groep:

In deze les zijn de leerlingen bezig met een procesdoel en een productdoel. Dit waren de
volgende doelen:

Aan het einde van de les kunnen de leerlingen blokkenbouwsels beschrijven door
middel van aanzichten en plattegrond met hoogtegetallen.
Aan het einde van de les kunnen de leerlingen blokkenbouwsels maken op basis
van plattegrond met hoogtegetallen of met gegeven aanzichten.
Aan het einde van de les hebben de leerlingen geoefend met samenwerken met
leerlingen waarmee ze niet normaal niet samenwerken.

Aan het einde van de les ga ik met de leerlingen in gesprek om deze doelen te
bespreken. Ook gaan we samen opdrachten maken om te kijken of de leerlingen de
lesstof hebben begrepen. Samen evalueren we zo de doelen. Ze hebben samengewerkt in
tweetallen en zelfstandig gewerkt. Door steekproefsgewijs een aantal leerlingen de beurt
te geven aan het einde van de les voor de opdrachten kan ik nagaan of de lesstof goed
was begrepen. Na de les liet heb ik de schriften nog een keer zelf gecontroleerd of alles
was gemaakt en goed was nagekeken. Graag wilde ik erachter komen hoe de leerlingen
de samenwerking zelf vonden gaan. Door dit te bespreken met de leerlingen heb ik
vanuit een eigen observatie zicht op het proces, maar ook zicht hoe de leerlingen zelf
denken over het samenwerkingsproces.
Realisatie van welke van de kritische handelingen is op basis van bovenstaande
inventarisatie nog niet overtuigend zichtbaar?:

A.1: Bespreken van en omgaan met regels.


E.2: Bespreken van opbrengsten en kwaliteit van leeractiviteiten met collegas.

A.1: Bespreken van en omgaan met regels:

Tijdens het geven van mijn les hebben we niet duidelijk de regel van de week
teruggepakt. Hier en daar maken leerlingen gemene opmerkingen naar elkaar tijdens het
werken in tweetallen. Hierop heb ik van te voren niet ingespeeld en tijdens de les ook
niet duidelijk genoeg. Tijdens het aanspreken maakte ik geen gebruik van de
schoolregels. Dit is een aandachtspunt.

E.2: Bespreken van opbrengsten en kwaliteit van leeractiviteiten met collegas:

Tijdens het geven van deze les was ik vooral bezig in de klas en met mijn begeleider. Als
extra samenwerking zou ik met een collega samen mijn les kunnen bespreken of deze
met twee klassen tegelijk kunnen doen. Zo krijg ik schoolbrede samenwerking binnen het
docententeam. Verder zou ik samen met een medestudent kunnen kijken naar de les die
ik wil geven en hier samen over kunnen overleggen. De kwaliteit van de les kan hierop
vooruitgaan. Ook zou je op deze manier samen lessen kunnen uitwisselen aan elkaar om
te doen.

Welke hulp- of leervraag zou je op basis van bovengenoemde analyse willen


stellen aan betreffende vakdocent? Formuleer die vraag (= feedbackvraag) zo
specifiek mogelijk!:

Op welke manier zou ik het beste kritische handeling E.2 (bespreken van opbrengsten en
kwaliteit van leeractiviteiten met collegas) kunnen toepassen in de lessen die ik geef op
stage?

Wat is wat jou betreft de essentie van bovenstaande analyse?:

Zelf kijken waar mijn sterkere kanten en mijn kansen liggen voor verdere ontwikkeling in
de praktijk. Mijn kansen liggen nog bij het duidelijk gebruik van de schoolregels tijdens
de lessen. De leerlingen op de juiste manier aanspreken vind ik nog lastig.