Anda di halaman 1dari 6

Competentie 2

Leerjaar 1

Ingevuld door: Emmy Groen


Datum: 5 juni 2017
Beroepscompetentie 2 Plannen

Omschrijving
Een Pedagoog beschikt over het vermogen om cliënten en diens omgeving op basis van
onderzoek te onderkennen en weet in samenspraak op basis van die onderkenning (diagnose)
een werkplan te ontwerpen welke resultaatgericht en in een reële tijdsfasering is geplaatst

Bij:

het ontwerpen van een resultaatgericht werkplan voor een cliëntsysteem

Gaat het om:

Generieke indicatoren 0 1 2 3 4 5 6

Diagnosticeren
1. het vaststellen van de (hulpverlenings-)doelen op basis van
een integrerend inzicht in levenslopen,
ontwikkelingstrajecten en ontwikkelingsopgaven.
2. het samen met de cliënt formuleren van de hulpvraag in de
taal van het cliëntsysteem
3. het bij het opstellen van het plan rekening houden met het
probleemoplossend vermogen van de cliënt
4. het vaststellen van de (hulpverlenings-)doelen op basis van
een analyse van de wisselwerking tussen individu/groep en
sociale, economische, politieke en juridische omgeving op
verschillende niveaus
5. het door creatief gebruik van middelen en aanboren van
nieuwe bronnen ruimte maken voor individuen om eigen
ideeën en initiatieven te ontplooien

Werkplan maken
6. het samen met het cliëntsysteem bespreken en
beargumenteren van de verschillende alternatieven
7. het maken van een plan volgens een model

8. het vertalen van veranderdoelen naar handelingsniveau

9. het ontwikkelen en organiseren van activiteiten samen met


betrokkenen en met/vanuit verschillende organisaties
10. het initiëren, ontwikkelen en aansturen van netwerken

11. het formuleren van nieuwe doelen vanuit evaluatie


12. het plannen van samenwerkingsmogelijkheden binnen
netwerken en voorzieningen
13. het reduceren of benutten van omgevingsdruk vormgeven
in een plan

specifieke indicatoren op het gebied van opvang en opvoeden


van kinderen (C3)
14. het toepassen van basiskennis op het gebied van
ontwikkelingspsychologie (w.o. taal- en
motoriekontwikkeling) en pedagogiek bij het opstellen van
een plan
15. het verwijzen naar specialisten of organisaties op het gebied
van opvoedingsondersteuning, ontwikkelingsachterstanden
of afwijkend gedrag
0 1 2 3 4 5 6
specifieke indicatoren op het gebied van pedagogische
hulpverlening (C4)
16. het toepassen van basiskennis op het gebied van
ontwikkelingspsychologie (w.o. taal- en
motoriekontwikkeling) en pedagogiek bij het opstellen van
een plan
17. het in het plan kiezen en beschrijven van sociaal-
(ped)agogische methoden en technieken

Zodat:

cliënt en hulpverleners de doelen, kaders en uitgangspunten van de hulpverlening kennen en


daarover overeenstemming hebben.

Beoordelingsschaal: Propedeutisch niveau Major niveau Afstudeerniveau


0 = geen aandacht 1 = georiënteerd op 3= toegepast in niet- 5= zelfstandig toegepast in
gehad kennisniveau complexe situatie complexe situatie
2 = geoefend 4 = zelfstandig toegepast in 6 = creatief vernieuwend
niet-complexe situatie. toegepast
Competentie 2
Leerjaar 2

Ingevuld door: Emmy Groen


Datum: 2 november 2017
Beroepscompetentie 2 Plannen

Omschrijving
Een Pedagoog beschikt over het vermogen om cliënten en diens omgeving op basis van
onderzoek te onderkennen en weet in samenspraak op basis van die onderkenning (diagnose)
een werkplan te ontwerpen welke resultaatgericht en in een reële tijdsfasering is geplaatst

Bij:

het ontwerpen van een resultaatgericht werkplan voor een cliëntsysteem

Gaat het om:

Generieke indicatoren 0 1 2 3 4 5 6

Diagnosticeren
18. het vaststellen van de (hulpverlenings-)doelen op basis van
een integrerend inzicht in levenslopen,
ontwikkelingstrajecten en ontwikkelingsopgaven.
19. het samen met de cliënt formuleren van de hulpvraag in de
taal van het cliëntsysteem
20. het bij het opstellen van het plan rekening houden met het
probleemoplossend vermogen van de cliënt
21. het vaststellen van de (hulpverlenings-)doelen op basis van
een analyse van de wisselwerking tussen individu/groep en
sociale, economische, politieke en juridische omgeving op
verschillende niveaus
22. het door creatief gebruik van middelen en aanboren van
nieuwe bronnen ruimte maken voor individuen om eigen
ideeën en initiatieven te ontplooien

Werkplan maken
23. het samen met het cliëntsysteem bespreken en
beargumenteren van de verschillende alternatieven
24. het maken van een plan volgens een model

25. het vertalen van veranderdoelen naar handelingsniveau

26. het ontwikkelen en organiseren van activiteiten samen met


betrokkenen en met/vanuit verschillende organisaties
27. het initiëren, ontwikkelen en aansturen van netwerken

28. het formuleren van nieuwe doelen vanuit evaluatie


29. het plannen van samenwerkingsmogelijkheden binnen
netwerken en voorzieningen
30. het reduceren of benutten van omgevingsdruk vormgeven
in een plan

specifieke indicatoren op het gebied van opvang en opvoeden


van kinderen (C3)
31. het toepassen van basiskennis op het gebied van
ontwikkelingspsychologie (w.o. taal- en
motoriekontwikkeling) en pedagogiek bij het opstellen van
een plan
32. het verwijzen naar specialisten of organisaties op het gebied
van opvoedingsondersteuning, ontwikkelingsachterstanden
of afwijkend gedrag
0 1 2 3 4 5 6
specifieke indicatoren op het gebied van pedagogische
hulpverlening (C4)
33. het toepassen van basiskennis op het gebied van
ontwikkelingspsychologie (w.o. taal- en
motoriekontwikkeling) en pedagogiek bij het opstellen van
een plan
34. het in het plan kiezen en beschrijven van sociaal-
(ped)agogische methoden en technieken

Zodat:

cliënt en hulpverleners de doelen, kaders en uitgangspunten van de hulpverlening kennen en


daarover overeenstemming hebben.

Beoordelingsschaal: Propedeutisch niveau Major niveau Afstudeerniveau


0 = geen aandacht 1 = georiënteerd op 3= toegepast in niet- 5= zelfstandig toegepast in
gehad kennisniveau complexe situatie complexe situatie
2 = geoefend 4 = zelfstandig toegepast in 6 = creatief vernieuwend
niet-complexe situatie. toegepast