Anda di halaman 1dari 27

B

Titel: De Drie Fundamenten (Al-ʾUsūl aţ-Ţalāţah)

Auteur: Muhammad ibn ʿAbd al-Wahhāb ibn Sulaymān at-Tamīmiyy


an-Najdiyy (o. 1206H)

Vertaling & voetnoten: Abū ʿĀsim Raşīd ibn ʿAbd as-Salām ibn al-Husayn al-Harrīşiyy al-Maġribiyy
Publicatie: Onze Religie
Editie & Datum: 2e Editie, Ramadān 1438H (juni 2017)
2

I NHOUDSOPGAVE

Inhoudsopgave............................................................................................................................... 2
Transcriptiesysteem ...................................................................................................................... 3
Voorwoord van de vertaler (Eerste Editie) ................................................................................. 5
Voorwoord van de Tweede Editie................................................................................................ 7
De eerste inleiding: De vier oorzaken van geluk......................................................................... 9
De tweede inleiding: Drie verplichte zaken...............................................................................10

De derde inleiding: Al-Ḥanīfiyyah – De Religie van Ibrāhīm  ............................................11


De Drie Fundamenten ................................................................................................................12
Het eerste fundament: Het kennen van de Heer ..................................................................12
Het tweede fundament: Het kennen van de Islam met de bewijzen ..................................17
Het eerste niveau: Al-ʾIslām (de Islam) ...........................................................................17
Het tweede niveau: Al-ʾĪmān (het geloof) .......................................................................19
Het derde niveau: Al-ʾIḥsān (de perfectionering) ...........................................................20
De bekende overlevering van Jibrīl over deze drie niveaus ............................................20
Het derde fundament: Het kennen van jullie Profeet Muḥammad  ...............................22
3

T RANSCRIPTIESYSTEEM
Arabische
Transcriptie Voorbeeld/uitleg Vertaling
letter
‫ا‬ ‫ﺎب‬ ‫ﹺ‬
ā (Ā) ‫ >= ﻛ ﹶﺘ ﹲ‬kitāb Een boek
‫ب‬ ‫ﹶﺎب‬ ‫ﹺ‬
b (B) ‫ >= ﻛﺘ ﹲ‬kitāb Een boek
‫ت‬ ‫ﺎب‬ ‫ﹺ‬
t (T) ‫ >= ﻛ ﹶﺘ ﹲ‬kitāb Een boek
‫ث‬ ţ (Ţ) ‫ >= ﹶﺣ ﹺﺪ ﹲ‬ḥadīţ
‫ﻳﺚ‬ Een overlevering
‫ج‬ j (J) ‫ >= ﹺﺟ ﹶﻬﺎ ﹲد‬jihād Een wettelijke strijd

‫ح‬ ḥ (Ḥ) ‫ >= ﹶﺣ ﹺﺪ ﹲ‬ḥadīţ


‫ﻳﺚ‬ Een overlevering
‫ﹺ‬
‫خ‬ g (G) ‫ >= ﹶﺧ ﺎﻟ ﹲ‬gāliṣ
‫ﺺ‬ Zuiver, puur
‫د‬ d (D) ‫ >= ﹺﺟ ﹶﻬﺎ ﹲد‬jihād Een wettelijke strijd

‫ذ‬ ḑ (Ḑ) ‫ >= ﹺذ ﻛ ﹲﹾﺮ‬ḑ ikr Een gedenking


‫ر‬ r (R) ‫ >= ﹺذ ﹾﻛ ﹲﺮ‬ḑikr Een gedenking
‫ز‬ z (Z) ‫ >= زﹶ ا ﹲد‬zād Een provisie
‫س‬ s (S) ‫ >= ﹶﺳ ﹾﻬ ﹲﻞ‬sahl Makkelijk
‫ش‬ ş (Ş) ‫ >= ﹶﺷ ﱞﻚ‬ş akk Een twijfel

‫ص‬ ‫ﻴﺢ‬ ‫ﹺ‬ Correct, geldig,


ṣ (Ṣ) ‫ >= ﹶﺻ ﺤ ﹲ‬ṣaḥīḥ
authentiek
‫ض‬ ḍ (Ḍ) ‫ >= ﹶﺿ ﹶـﺮ ﹲر‬ḍarar Een schade
‫ط‬ ‫ >= ﹶﻃ ﹺ‬ṭāhir
‫ﺎﻫ ﹲﺮ‬
ṭ (Ṭ) Rein
‫ظ‬ ð̣ (Ð̣) ‫ >= ﹸﻇ ﹾﻠ ﹲﻢ‬ð̣ ulm Onrecht
‫ع‬ ʿ ‫ >= ﹺﻋ ﹾﻠ ﹲﻢ‬ʿilm Kennis
‫غ‬ ġ (Ġ) ‫ﻳﺐ‬‫ >= ﹶﻏ ﹺﺮ ﹲ‬ġarīb Vreemd
‫ف‬ f (F) ‫ >= ﹶﻓ ﺎﻛﹺ ﹶﻬ ﹲﺔ‬fākihah Een vrucht
‫ق‬ q (K) ‫ >= ﹺﻗ ﹶﺮا ﹶء ﹲة‬qirāʾah Een recitatie
‫ك‬ ‫ﹶﺎب‬ ‫ﹺ‬
k (K) ‫ >= ﻛ ﺘ ﹲ‬kitāb Een boek
‫ﹺ‬
‫ل‬ l (L) ‫ >= ﹶﺧﺎﻟ ﹲ‬gāliṣ
‫ﺺ‬ Zuiver, puur
‫م‬ m (M) ‫ >= ﹺﻋ ﹾﻠ ﹲﻢ‬ʿilm Kennis
4

‫ن‬ n (N) ‫ >= ﹶﻧ ﹾﻮ ﹲم‬nawm Slaap


‫ه‬ h (H) ‫ >= ﹶﺳ ﹾﻬ ﹲﻞ‬sahl Makkelijk
Als medeklinker (consonant):
w (W) ‫ >= و ﹺ‬wādiḥ
‫اﺿ ﹲﺢ‬ Duidelijk
‫ﹶ‬
‫و‬
Als klinker (vocaal):
ū (Ū) ‫ >= ﹸﻣ ﹾﺴﻠﹺ ﹸﻤ ﹶ‬muslimūn
‫ﻮن‬ Moslims

Als medeklinker (consonant):


‫ >= ﹶﻳ ﺎﺑﹺ ﹲﺲ‬yābis Droog
‫ي‬ y/ī
Als klinker (verlenging):
‫ >= ﹶﺣ ﹺﺪ ﹲ‬ḥadīţ
‫ﻳﺚ‬ Een overlevering

‫ >= ﹸﻣ ﺆﹾ ﹺﻣﻨ ﹶ‬muʾminūn


‫ﹸﻮن‬ Gelovigen
Wanneer de aan het begin van een individueel woord,
‫ء‬ ʾ een zin of een losstaande zinsconstructie staat, dan
wordt deze niet getranscribeerd, zoals bij: Een inspanning
‫ >= إﹺ ﹾﺟﺘﹺ ﹶﻬﺎ ﹲد‬ijtihād
Midden in een zin of zinsdeel:
‫ >= ﹶﺗﻜﹾﺒﹺ ﹶﲑ ﹸة ﹾ ﹺ‬takbīrať al-ʾiḥrām
‫اﻹ ﹾﺣ ﹶﺮا ﹺم‬
En het uitgangspunt is dat deze ť uitgesproken wordt
als: “tu”, dus als: takbīratul-ʾiḥrām; echter kan het ook
zijn dat de ť in een constructie staat waarin deze
uitgesproken wordt als “ta” of als “ti”. Vanwege de
De openings-
ť / tu / ta / ti complexiteit daarvan hebben wij daar geen rekening
mee gehouden en gebruiken wij standaard: ť. De takbīr
apostrof geeft aan dat er ná de ‫ ة‬een klinker
‫ة‬ uitgesproken dient te worden die afhangt van de zin
waarin de constructie staat. Wanneer het van belang is
zullen wij de klinker op de ‫ ة‬wel transcriberen, op deze
wijze: takbīratu l-ʾiḥrām, takbīrata l-ʾiḥrām, takbīrati l-
ʾiḥrām.
Bij een individueel woord, of aan het einde
van een zin of zinsdeel:
h ‫ﲪ ﹲﺔ‬
‫ >= ﹶر ﹾ ﹶ‬raḥmah Een genade
‫ﹺ‬
‫ﺎﳊ ﹸﺔ‬ ‫ >= اﳌﹾﹶ ﹾﺮ ﹶأ ﹸة ﱠ‬al-marʾatu ṣ-ṣāliḥah
‫اﻟﺼ ﹶ‬ De vrome vrouw
5

VOORWOORD VAN DE VERTALER (EERSTE E DITIE)

‫ﺑﺴﻢ ﺍﷲ ﺍﻟﺮﺣﻤﻦ ﺍﻟﺮﺣﻴﻢ‬


B IJ DE N AAM VAN A LLĀH , AR -R AḤMĀN , AR -R AḤĪM

ER IS GEEN geleerde die gevraagd wordt – zij het door een doorsnee persoon of door een beginnende
student – over welk boek mee begonnen dient te worden, als het gaat om kennis over de geloofsleer,
behalve dat hij het boek De Drie Fundamenten zal aanraden. Dit boek, waarvan al-ʾUṣūl aţ-Ţalāţah
(of Ţalāţať al-ʾUṣūl)[1] de Arabische titel is, is dan ook een absolute must-have voor eenieder die de
basis van de Islamitische geloofsleer wenst te bestuderen. De drie fundamenten, waar het boek over
gaat, zijn de drie zaken waarover eenieder in het graf gevraagd zal worden, namelijk:

1. Wie is jouw Heer? — het eerste fundament gaat dus over de kennis over Allāh;

2. Wat is jouw religie? — het tweede fundament gaat dan ook over de kennis over de Islam;

3. Wie is jouw profeet? — het derde fundament gaat dan ook over de kennis over de Profeet
Muḥammad .

Het betreft een kort werk, geschreven door de grootgeleerde al-ʾImām al-Mujaddid Muḥammad
ibn ʿAbd al-Wahhāb ibn Sulaymān ibn ʿAliyy at-Tamīmiyy , wat voor een groot deel bestaat uit
Verzen uit het Boek van Allāh en overleveringen uit de Sunnah van de Boodschapper , en waarbij
de woorden van de schrijver vooral ter verduidelijking en structurering dienen.

Globaal bestaat het boek uit drie onderdelen:

1. De Inleiding; en deze bestaat weer uit drie subonderdelen:

a. De Eerste Inleiding: De Vier Oorzaken van Geluk — hier gaat de schrijver in op


de vier zaken die verplicht zijn voor iedere moslim om te leren. Deze zaken zijn
onttrokken uit Sūrať al-ʿAṣr.
b. De Tweede Inleiding: De Drie Verplichte Zaken — hier vermeldt de schrijver drie
basiszaken van de Religie, namelijk de verplichting tot het uitzonderen van Allāh
in Zijn Heerschappij, het verbod op het toekennen van deelgenoten aan Allāh in
de aanbidding en het verbod op het hebben van Muwālāh (vriendschap,
bondgenootschap, steun, liefde) jegens de ongelovigen.
c. De Derde Inleiding: al-Ḥanīfiyyah, de Religie van Ibrāhīm — hier verduidelijkt de
schrijver wat de Religie van alle Boodschappers is, namelijk at-Tawḥīd, en dat is
het aanbidden van Allāh Alleen en het verwerpen van de aanbidding van alles
buiten Hem.

[1]De geleerden die het boek uitgelegd hebben, verschillen van mening over welke van deze twee titels, de werkelijke titel van
het boek is. Aangezien dit verder niets uitmaakt voor de lezer, zullen we het ingaan op dit meningsverschil achterwege laten en
ons beperken tot de titel al-ʾUṣūl aţ-Ţalāţah, omdat dit hetgeen de schrijver zelf in de tekst genoemd heeft en omdat dit de titel
is waarmee het onder de Nederlandstalige moslims bekend staat.
2. De Drie Fundamenten — hier begint de behandeling van de drie fundamenten, en dit
gedeelte is logischerwijs onder te verdelen in drie delen, voor ieder fundament één deel.

3. De Afsluiting — na de behandeling van “Het Derde Fundament: het Kennen van jullie
Profeet Muḥammad ”, vermeld de schrijver een afsluiting waarin hij ingaat op zaken die
te maken hebben met de dood, de Wederopstanding, de Boodschappers en het doel achter
hun zending, en de betekenis van de Ṭāġūt en de kopstukken ervan.

Het boek is terug te vinden in meerdere Arabische bronnen, en ik zal de uitleg van het boek
genaamd Ḥāşiyať Ţalāţať al-ʾUṣūl (Voetnoten op De Drie Fundamenten) van al-ʿAllāmah ʿAbd ar-
Raḥmān ibn Qāsim an-Najdiyy  (o. 1396H) als basis nemen en daaruit het boek onttrekken, en als
secundaire bron zal ik de editie van het boek nemen uit het grote verzamelwerk ad-Durar as-Saniyyah
(waarvan de verzamelaar de hiervoor vermelde Ibn Qāsim an-Najdiyy  is), volume 1, pagina 125
tot en met pagina 136. De verschillen tussen beide bronnen zijn miniem, en beide zijn uitgegeven door
de erfgenamen van Ibn Qāsim an-Najdiyy , die tevens de verzamelaar is van het uiterst bekende en
nuttige verzamelwerk Majmūʿ Fatāwā Ibn Taymiyyah.
Mocht iemand een fout tegenkomen in deze vertaling, gelieve Onze Religie hiervan op de hoogte
te stellen via het onderstaande e-mailadres, opdat de fout gecorrigeerd kan worden. Ik vraag Allāh om
deze vertaling zuiver en alleen voor Hem te maken.

·‹çÎ@ÈjzïÎ@È€e@Û‹«Î@܇™@b‰Ój„@Û‹«@!a@Û‹ïÎ

GESCHREVEN OP DE 12E VAN ḐU L-ḤIJJAH 1437H (OVEREENKOMSTIG MET 13-9-2016) DOOR:
Abū ʿĀṣim Raşīd ibn ʿAbd as-Salām ibn al-Ḥusayn al-Ḥarrīşiyy al-Amṭālsiyy al-Maġribiyy
vertalingen@onzereligie.nl

——————— ❏ ❏ ❏ ———————
7

VOORWOORD VAN DE T WEEDE EDITIE


‫ﺑﺴﻢ ﺍﷲ ﺍﻟﺮﺣﻤﻦ ﺍﻟﺮﺣﻴﻢ‬
B IJ DE N AAM VAN A LLĀH , AR -R AḤMĀN , AR -R AḤĪM

NA EEN SUCCESVOLLE publicatie van de Eerste Editie van De Drie Fundamenten van al-ʾImām al-
Mujaddid Muḥammad ibn ʿAbd al-Wahhāb at-Tamīmiyy , presenteren we hierbij de publicatie van
de Tweede Editie, waarbij een aantal belangrijke aanpassingen gedaan zijn:

1. Het lettertype is omgezet naar een Serif-lettertype, wat volgens de kenners in de drukwereld
fijner en gemakkelijker leest dan Sans Serif-lettertypen.

2. De algehele lay-out is aangepast, om deze overeen te laten komen met de stijl die gehanteerd
werd in onze laatste publicatie, namelijk De Opheldering van de Misvattingen van al-ʾImām
al-Mujaddid Muḥammad ibn ʿAbd al-Wahhāb at-Tamīmiyy  (1e Editie, 1438H), die o.a.
vanwege de indeling en lay-out goed ontvangen werd. Dit is tevens de stijl die gehanteerd
zal worden in andere wetenschappelijke teksten en uitleggingen, als Allāh het wilt.

3. Er is gekozen voor een (zeer) lichtbeige achtergrond in plaats van wit, voor een fijnere
leeservaring.

4. Het transcriptiesysteem is aangepast naar de meest recente en definitieve versie.

5. Daar waar sprake was van te lange zinnen en onnodig moeilijke zinsstructuren, zijn de
nodige aanpassingen gemaakt, om het geheel beter leesbaar te maken.

6. Spel- en taalfouten zijn gecorrigeerd.

·‹çÎ@ÈjzïÎ@È€e@Û‹«Î@܇™@b‰Ój„@Û‹«@!a@Û‹ïÎ

GESCHREVEN OP DE 24E VAN RAMAḌĀN 1438H (OVEREENKOMSTIG MET 19-6-2017) DOOR:


Abū ʿĀṣim Raşīd ibn ʿAbd as-Salām ibn al-Ḥusayn al-Ḥarrīşiyy al-Amṭālsiyy al-Maġribiyy
vertalingen@onzereligie.nl

——————— ❏ ❏ ❏ ———————
DE DRIE FUNDAMENTEN
AUTEUR:
AL-ʾIMĀM MUḤAMMAD IBN ʿABD AL-WAHHĀB AT-TAMĪMIYY AN-NAJDIYY

9 D E E ERSTE I NLEIDING

D E EERSTE INLEIDING: D E VIER OORZAKEN VAN GELUK


‫ﺑﺴﻢ ﺍﷲ ﺍﻟﺮﺣﻤﻦ ﺍﻟﺮﺣﻴﻢ‬
B IJ DE N AAM VAN A LLĀH , AR -R AḤMĀN , AR -R AḤĪM

W eet, moge Allāh jou genadig zijn, dat het verplicht voor ons is om vier zaken te leren:

De eerste zaak: Kennis; en dat is het kennen van Allāh, het kennen van Zijn Profeet , en het
kennen van de Islamitische Religie met de bewijzen.
De tweede zaak: Het handelen ernaar.
De derde zaak: Het uitnodigen ernaar.
De vierde zaak: Geduld hebben met de schade [die men ondervindt] daarin.

En het bewijs is Zijn  Uitspraak

َ ْ ْ َ َ َ َ ِ �‫ا‬
َ ‫ا� ّق َوتَ َو‬
‫اص ْوا‬ َ ِ ‫الص‬ ُ َ َ َ ْ َّ
َ �‫{ إ َّ� َّا‬2} �ْ ‫خ‬
َّ ‫ِين َآم ُنوا َو َعملُوا‬ ْ َْ َ َّ َ ْ َّ َّ
ِ ِ ‫ات وتواصوا ب‬ ِ ِ ٍ �ِ ‫ا��سان ل‬ ِ ‫ والع‬ ‫� الﻠـ ِﻪ الﺮﻤﺣ ٰـ ِﻦ الﺮ ِﺣ ِﻴﻢ‬
ِ ‫{ إِن‬1} �
ْ َّ
{3} ِ�‫بِالص‬
Bij de Naam van Allāh, ar-Raḥmān, ar-Raḥīm. Bij de tijd. {1} Voorwaar, de mens verkeert zeker
in (staat van) verlies. {2} Behalve degenen die geloven en goede daden verrichten, en elkaar
aansporen tot de Waarheid, en elkaar aansporen tot geduld. {3}
[Sūrať al-ʿAṣr : vers 1-3]

Aş-Şāfiʿiyy[2]  zei: “Als Allāh geen enkel bewijs op Zijn schepping had neergezonden behalve
dit Hoofdstuk, dan zou dat voldoende voor hen zijn geweest.” En al-Bugāriyy[3]  zei: “Hoofdstuk:
Kennis gaat voor uitspraak en daad. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

َ َ ْ َْْ َ ُ َّ َّ َ َ َ ُ َّ َ ْ َ ْ َ
ِ ‫ ﻓﺎﻋﻠﻢ أﻧﻪ ﻻ إِﻟ ٰـﻪ إِﻻ الﻠـﻪ واﺳﺘﻐ ِﻔﺮ ِﺬﻟ‬
 ‫ﻧﺒﻚ‬
Weet dan dat lā ilāha illa l-Lāh (niets en niemand heeft het recht om aanbeden te worden
behalve Allāh) en vraag om vergeving voor jouw zonde.
[Sūrať Muḥammad : vers 19]

Hij begon dus met kennis”, voor uitspraak en daad.[4]

[2]
Hij was de grote Imam en Faqīh (geleerde in regelgevingen): Muḥammad ibn Idrīs ibn al-ʿAbbās ibn ʿUţmān ibn Şāfiʿ ibn
as-Sāʾib ibn ʿUbayd ibn ʿAbd Yazīd ibn Hişām ibn ʿAbd al-Muṭṭalib (hier komt zijn stamboom samen met die van de
Boodschapper van Allāh ). Hij was de grote Imam van zijn tijd en hij is degene uit wie de bekende fiqh-maḑhab (school van
regelgeving), genaamd de Şafiʿiyy-maḑhab, is voortgekomen. Zijn kunyā (bijnaam) was Abū ʿAbdillāh, al-Quraşiyy al-
Muṭṭalibiyy (d.w.z. hij was van de stam Qurayş via ʿAbd al-Muṭṭalib) en hij staat natuurlijk bekend als al-ʾImām aş-Şāfiʿiyy .
Hij werd geboren in Gaza in 150H en hij overleed in Egypte in 204H.
[3] Hij was de grote Imam, Muḥaddiţ (geleerde in Profetische overleveringen) en Faqīh (geleerde in regelgevingen): Abū

ʿAbdillāh Muḥammad ibn Ismāʿīl ibn Ibrāhīm al-Bugāriyy . Geboren in Bugārā in 194H en overleden in de buurt van
Samarqand in 256H. Hij is de schrijver van het meest authentieke boek na het Boek van Allāh, namelijk: Ṣaḥīḥ al-Bugāriyy.
[4] De uitspraak van al-ʾImām al-Bugāriyy  staat in Ṣaḥīḥ al-Bugāriyy (1/210; Het Boek van Kennis, hoofdstuk 10), en de

uitspraak “voor uitspraak en daad”, zijn de eigen woorden van al-ʾImām Muḥammad ibn ʿAbd al-Wahhāb .
D E TWEEDE INLEIDING 10

D E TWEEDE INLEIDING: D RIE VERPLICHTE ZAKEN

W eet, moge Allāh jou genadig zijn, dat het verplicht is voor iedere moslim en moslima om deze
drie zaken te leren en ernaar te handelen:

De eerste zaak: Dat Allāh ons geschapen en voorzien heeft, en dat Hij ons niet doelloos gelaten heeft.
Integendeel, Hij heeft een boodschapper naar ons gezonden. Wie hem (i.e. de Boodschapper)
gehoorzaam is, treedt het Paradijs binnen, en wie hem ongehoorzaam is treedt het Hellevuur binnen.
En het bewijs is de Zijn  Uitspraak:
ً ً ْ َ َ ْ َ َ َ َ َّ ُ ْ َ ْ ٰ َ َ َ ً َ َ ْ َ ُ ْ َ َ ً َ ً ُ َ ْ ُ ْ َ َ ْ َ ْ َ َّ
ٰ ِ‫� ْﻢ َﻛ َﻤﺎ أ ْر َﺳﻠﻨَﺎ إ‬
‫الﺮ ُﺳﻮل ﻓﺄﺧﺬﻧ ُﺎه أﺧﺬا َو�ِﻴﻼ‬ ‫{ �ﻌﻰﺼ ﻓِﺮﻋﻮن‬15} ‫ﻰﻟ ﻓِ ْﺮ َﻋ ْﻮن َر ُﺳﻮﻻ‬ ‫ إِﻧﺎ أرﺳﻠﻨﺎ إِﻴﻟ�ﻢ رﺳﻮﻻ ﺷﺎ ِﻫﺪا ﻋﻠﻴ‬
{16}
Voorwaar, Wij hebben naar jullie een Boodschapper gestuurd, als getuige tegen jullie, zoals
Wij naar de farao een Boodschapper stuurden. {15} De farao was vervolgens ongehoorzaam aan
de Boodschapper (Mūsā), dus grepen Wij hem met een zware Greep. {16}
[Sūrať al-Muzzammil : vers 15-16]

De tweede zaak: Dat Allāh er niet tevreden over is dat er een deelgenoot aan Hem toegekend wordt in
de aanbidding: geen nabije Engel, noch een gestuurde Profeet, [dus laat staan anderen buiten deze
twee][5]. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

ً َ َ َّ َ َ ُ ْ َ َ َ َّ َ
{18} ‫ﺎﺟﺪ لِﻠـ ِﻪ ﻓﻼ ﺗﺪﻋﻮا ﻣﻊ الﻠـ ِﻪ أﺣﺪا‬
َ َ ْ َّ َ
َ
ِ ‫ وأن الﻤﺴ‬
En waarlijk, de moskeeën zijn voor Allāh. Roep dus niemand naast Allāh aan. {18}
[Sūrať al-Jinn : vers 18]

De derde zaak: Dat het niet toegestaan is voor degene die de Boodschapper gehoorzaam is en Allāh
uitzondert (in de aanbidding), om Muwālāh (liefde, steun, vriendschap, bondgenootschap) te hebben
voor degenen die Allāh en Zijn Boodschapper tegenwerken, zelfs al is het de meest naaste verwante.
En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

َ َ ُ َ َ َ ْ َ ْ ُ َ َ ْ ْ َ ْ ُ َ َ ْ َ ْ َ ْ ُ َ َ ُ َ ْ َ َ ُ َ ُ َ َ َ َّ َّ َ ْ َ َ ُّ َ ُ ْ ْ َ ْ َ َّ َ ُ ْ ُ ً ْ َ ُ َ َّ
‫�� ُﻬ ْﻢ أوﻟ ٰـ ِﺌﻚ‬‫ﺠﺗﺪ ﻗﻮﻣﺎ ﻳﺆ ِﻣﻨﻮن ﺑِﺎلﻠـ ِﻪ واﻴﻟﻮمِ اﻵ ِﺧ ِﺮ ﻳﻮادون ﻣﻦ ﺣﺎد الﻠـﻪ ورﺳﻮﻪﻟ ولﻮ ﺎﻛﻧﻮا آﺑﺎءﻫﻢ أو أ�ﻨﺎءﻫﻢ أو ِإﺧﻮا�ﻬﻢ أو ﻋ ِﺸ‬
ِ ‫ﻻ‬
ُ ْ َ ُ َ َ ْ ُ ْ َ ُ َّ َ َ َ َ َ ُ َ ْ َ ْ َ ْ َ ْ َ َّ َ ْ ُ ُ ْ ُ َ ُ ْ ّ ُ ُ َ َّ َ َ َ َ ْ ُ ُ ُ َ َ َ
‫ﺎﺪﻟﻳﻦ ِ�ﻴﻬﺎ ر ِﻲﺿ الﻠـﻪ �ﻨﻬﻢ ورﺿﻮا �ﻨﻪ‬ ِ ِ ‫ﺎت ﺠﺗ ِﺮي ِﻣﻦ ﺤﺗ ِﺘﻬﺎ اﻷ�ﻬﺎر ﺧ‬ٍ ‫وح ِﻣﻨﻪ و�ﺪ ِﺧﻠﻬﻢ ﺟﻨ‬ٍ ‫اﻹﻳﻤﺎن وأﻳﺪﻫﻢ ﺑِﺮ‬ ِ ‫ﻛﺘﺐ ِﻲﻓ ﻗﻠﻮ�ِ ِﻬﻢ‬
َ ُ ْ ُ ْ ُ ُ َّ َ ْ َّ َ َ َّ ُ ْ َ ٰ َ ُ
{22} ‫ﺣﺰب الﻠـ ِﻪ ﻫﻢ الﻤﻔ ِﻠﺤﻮن‬ ِ ‫أوﻟـ ِﺌﻚ ِﺣﺰب الﻠـ ِﻪ أﻻ إِن‬
Jij zult geen volk aantreffen dat in Allāh en de Laatste Dag gelooft, dat houdt van degenen die
Allāh en Zijn Boodschapper tegenwerken, zelfs al zouden het hun vaders, of hun zonen, of hun
broers of hun verwanten zijn. Zij zijn degenen in wiens harten Hij het geloof heeft geplaatst en
die Hij heeft geholpen met een Ziel van Hem. En Hij zal hen Tuinen doen binnentreden
waaronder rivieren stromen, waar zij voor eeuwig zullen verblijven. Allāh is tevreden over hen
en zij zijn tevreden over Hem. Zij zijn de Groep van Allāh. Weet dat de Groep van Allāh zeker
degenen zijn die succesvol zijn. {22}
[Sūrať al-Mujādilah: vers 22]

[5 ]
Hetgeen wat tussen teksthaken staat, komt uit de versie in ad-Durar as-Saniyyah, volume 1, pagina 126.
11 D E DERDE INLEIDING

D E DERDE INLEIDING: AL-ḤANĪFIYYAH – D E RELIGIE VAN


I BRĀHĪM 

W eet, moge Allāh jou leiden naar het gehoorzamen van Hem, dat al-Ḥanīfiyyah – de Religie van
Ibrāhīm – is: dat je Allāh aanbidt en je daarbij de Religie zuiver aan Hem toewijdt. En tot dat
heeft Allāh alle mensen bevolen en omwille van dat heeft Hij hen geschapen, zoals Hij  heeft gezegd:

ُُْ
َ َّ َ ْ َّ ْ
َ َ ُ َْ َ َ
ِ ‫اﻹ�ﺲ ِإﻻ ِﻴﻟﻌﺒﺪ‬
{56} ‫ون‬ ِ ‫اﺠﻟﻦ و‬
ِ ‫ وﻣﺎ ﺧﻠﻘﺖ‬
En Ik heb de Jinn en de mens slechts geschapen om Mij te aanbidden. {56}
[Sūrať aḑ-Ḑāriyāt : vers 56]

‫ ﻳﻌﺒﺪﹸ ﹺ‬ / om Mij te aanbidden, is: [‫ون‬


En de betekenis van: ‫ون‬ ‫ ]ﻳﻮﺣﺪﹸ ﹺ‬/ ‘om Mij uit te zonderen’. En
‫ﹶﹾﹸ‬ ‫ﹸﹶ ﱢ‬
het geweldigste waartoe Allāh heeft bevolen, is at-Tawḥīd, en dat is: het uitzonderen van Allāh in de
aanbidding. En het geweldigste wat Allāh heeft verboden, is aş-Şirk, en dat is: het naast Hem
aanroepen van een ander. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

ًْ َ ُ ْ ُ َ َ َّ
َ َُُْ
 ‫ﺮﺸﻛﻮا ﺑِ ِﻪ ﺷيﺌﺎ‬
ِ � ‫ وا�ﺒﺪوا الﻠـﻪ وﻻ‬
En aanbid Allāh en ken geen enkele deelgenoot aan Hem toe.
[Sūrať an-Nisāʾ : vers 36]
D E D RIE F UNDAME NTEN 12

D E D RIE FUNDAMENTEN

A ls jou gevraagd wordt: “Wat zijn de drie fundamenten, die voor de mens verplicht zijn om te
kennen?” Zeg dan: De kennis van de dienaar over zijn Heer, zijn Religie en zijn Profeet .

HET EERSTE FUNDAMENT : H ET KENNEN VAN DE HEER


EN ALS JOU gevraagd wordt: “Wie is jouw Heer?” Zeg dan: Mijn Heer is Degene Die mij en alle
schepselen geschapen heeft en voorzien heeft van Zijn gunsten. En Hij is mijn Maʿbūd (Aanbedene)
en ik heb buiten Hem geen maʿbūd (aanbedene). En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

َ َ َْ ّ َ َّ ُ ْ ْ
َ
ِ ‫ اﺤﻟﻤﺪ لِﻠـ ِﻪ ر‬
{1} �‫ب اﻟﻌﺎل ِﻤ‬
Alle lof is voor Allāh, de Heer van alle schepselen. {1}
[Sūrať al-Fātiḥah : vers 1]

En alles buiten Allāh is een schepsel, en ik ben een van die schepselen.

En als jou gevraagd wordt: “Door middel van wat heb jij kennis verkregen over jouw Heer?” Zeg
dan: Door middel van Zijn Tekenen en Zijn schepselen. En tot Zijn Tekenen behoren de nacht, de
dag, de zon en de maan. En tot Zijn schepselen behoren de zeven hemelen en de zeven aarden, en wat
zich erin bevindt en wat zich tussen beide bevindt. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:
ُ ََ َ َّ َّ ُ ُ ْ َ َْ َ ْ َّ ُ ُ َْ َ َ َْ َّ ‫ َو ِﻣ ْﻦ آﻳَﺎﺗِ ِﻪ الﻠَّﻴْ ُﻞ َو‬
ْ َّ ُ ‫اﻨﻟ َﻬ‬
‫اﺬﻟي ﺧﻠﻘ ُﻬ َّﻦ ِإن ﻛﻨﺘُ ْﻢ‬
ِ ‫ﺎر َوالﺸﻤ ُﺲ َواﻟﻘﻤ ُﺮ ﻻ �ﺴﺠﺪوا لِﻠﺸﻤ ِﺲ َوﻻ لِﻠﻘﻤ ِﺮ َواﺳﺠﺪوا لِﻠـ ِﻪ‬
َ ُ ُ ْ َ ُ َّ
{37} ‫ِإﻳﺎه �ﻌﺒﺪون‬
En tot Zijn Tekenen behoren de nacht en de dag en de zon en de maan. Kniel niet neer voor de
zon noch voor de maan, maar kniel neer voor Allāh Die deze geschapen heeft, als jullie Hem
aanbidden. {37}
[Sūrať Fuṣṣilat : vers 37]

En Zijn  Uitspraak:

ُ ُ َ َ َ َّ َ ْ َّ ُْ ْ َ ٰ َ َ ْ َّ ُ َّ َ َّ َ َْ َّ ‫ـﻪ َّاﺬﻟي َﺧﻠَ َﻖ‬ُ َّ ُ ُ َّ َ َّ


‫ﺎر � ْﻄﻠﺒُﻪ‬ ‫ى َﻰﻠﻋ اﻟ َﻌ ْﺮ ِش �ﻐ ِﻲﺸ الﻠﻴﻞ اﻨﻟﻬ‬ ‫ات َواﻷ ْرض ِﻲﻓ ِﺳﺘ ِﺔ أﻳﺎمٍ �ﻢ اﺳﺘﻮ‬ِ ‫ﺎو‬ َ ‫الﺴ َﻤ‬ ِ ‫ ِإن رﺑ�ﻢ الﻠ‬
َ ْ
َ َ ُّ َ ُ َّ َ َ ََ ْ َ ْ ْ ْ
ُ َ ُ َ َ َ ْ َ ْ
َّ َ ُ َ ُ ُّ َ َ َ َ َ َ ْ َّ َ ً َ
{54} �‫ات ﺑِﺄم ِﺮهِ أﻻ ﻪﻟ اﺨﻟﻠﻖ َواﻷم ُﺮ �ﺒﺎرك الﻠـﻪ رب اﻟﻌﺎل ِﻤ‬ ٍ ‫اﻨﻟﺠﻮم مﺴﺨ َﺮ‬ ‫ﺣ ِﺜيﺜﺎ والﺸﻤﺲ واﻟﻘﻤﺮ و‬
Voorwaar, jullie Heer is Allāh, Die de hemelen en de aarde in zes dagen heeft geschapen.
Vervolgens heeft Hij Zich boven de Troon verheven. Hij laat de nacht de dag bedekken. Het
(d.w.z de nacht) volgt deze (d.w.z. de dag) snel op. En de zon en de maan en de sterren heeft Hij
met Zijn Bevel dienstbaar geschapen.. Weet dat het Scheppen en het Bevelen specifiek voor Hem
alleen is. Gezegend is Allāh, de Heer van alle schepselen. {54}
[Sūrať al-ʾAʿrāf : vers 54]

En de Heer is al-Maʿbūd (de Aanbedene [met Recht]). En het bewijs is Zijn  Uitspraak:
13 H ET EERSTE FUNDAMENT : H ET KENNEN VAN DE H EER

َ َْ ُ َ َ َّ َ ُ َّ َ ْ ُ َّ َ َ ْ ُ ْ َ َّ ْ ُ َ َ َ َّ ُ َّ ُ ُ ْ ُ َّ َ ُّ َ َ
‫اﺬﻟي َﺟ َﻌﻞ ﻟ� ُﻢ اﻷ ْرض‬ِ {21} ‫ﻳﻦ ِﻣﻦ �ﺒ ِﻠ�ﻢ ﻟﻌﻠ�ﻢ �ﺘﻘﻮن‬ َ ‫اﺬﻟ‬
ِ ‫اﺬﻟي ﺧﻠﻘ�ﻢ َو‬ ِ ‫اﻨﻟﺎس ا�ﺒﺪوا َرﺑ� ُﻢ‬ ‫ ﻳﺎ أ�ﻬﺎ‬
َ ُ َ ْ َ ْ ُ َ َ ً َ َ َّ ُ َ ْ َ َ َ ْ ُ َّ ً ْ َ َ َّ َ َ َ ْ َ َ ً َ َ َّ َ َ َ َ َ ً َ َ َ َّ َ ً َ
‫ات ِرزﻗﺎ ﻟ�ﻢ ﻓﻼ ﺠﺗﻌﻠﻮا لِﻠـ ِﻪ أﻧﺪادا وأﻧﺘﻢ �ﻌﻠﻤﻮن‬ ِ ‫ِﻓﺮاﺷﺎ والﺴﻤﺎء ﺑِﻨﺎء وأﻧﺰل ِﻣﻦ الﺴﻤﺎ ِء ﻣﺎء ﻓﺄﺧﺮج ﺑِ ِﻪ ِﻣﻦ اﺜﻟﻤﺮ‬
{22}
O mensen, aanbid jullie Heer Die jullie en degenen vóór jullie heeft geschapen, opdat jullie
zullen vrezen. {21} Degene Die de aarde tot een bedding voor jullie heeft gemaakt, en de hemel
tot een overkapping, en water uit de hemel neer zond en daarmee vruchten voortbracht als
levensonderhoud voor jullie. Ken daarom geen deelgenoten toe aan Allāh, terwijl jullie weten.
{22}
[Sūrať al-Baqarah : vers 23]

Ibn Kaţīr  zei: “De Schepper van deze zaken is Degene Die het recht heeft om aanbeden te worden.”

En de soorten aanbiddingen die Allāh heeft bevolen, zoals al-ʾIslām (de Islam), al-ʾĪmān (het
geloof) en al-ʾIḥsān (de perfectionering), en ertoe behoort: Ad-Duʿāʾ (de smeekbede), al-Gawf (angst),
ar-Rajāʾ (hoop), at-Tawakkul (vertrouwen), ar-Raġbah (het hoogste niveau van hoop), ar-Rahbah
(het hoogste niveau van angst), al-Guşūʿ (de nederigheid), al-Gaşyah (angst gebouwd op kennis), al-
ʾInābah (het berouwvol terugkeren), al-Istiʿānah (het vragen om hulp), al-Istiʿāḑah (het zoeken van
toevlucht), al-Istiġāţah (het vragen om redding), aḑ-Ḑabḥ (het offeren), an-Naḑr (het doen van een
gelofte) en andere soorten aanbiddingen waartoe Allāh heeft bevolen: deze behoren allemaal toe aan
Allāh . En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

ً َ َ َّ َ َ ُ ْ َ َ َ َّ َ
{18} ‫ﺎﺟﺪ لِﻠـ ِﻪ ﻓﻼ ﺗﺪﻋﻮا ﻣﻊ الﻠـ ِﻪ أﺣﺪا‬ َ َ َ ْ َّ َ
ِ ‫ وأن الﻤﺴ‬
En waarlijk, de moskeeën zijn voor Allāh. Roep dus niemand naast Allāh aan. {18}
[Sūrať al-Jinn : vers 18]

Wie dus iets ervan (d.w.z. van de aanbidding) richt aan een ander dan Allāh, is een Muşrik
(iemand die deelgenoten toekent aan Allāh; een afgodenaanbidder) en een Kāfir (een ongelovige). En
het bewijs is Zijn  Uitspraak:

َ َْ ْ َ َّ َ َ ْ ُ َ َ َ ً ٰ َ َّ َ َ ُ ْ َ َ َ
َ ‫ان َ ُ� بهِ فَإ َّ� َما ح َِساب ُ ُه ع‬
{117} ‫ِند َربّ ِهِ إِن ُه � ُ�فل ِ ُح ال�ف ُِرون‬ ِ ِ ‫ ومن يدع مع اللـهِ إِلـها آخر � بره‬
En wie naast Allāh een andere ilāh (aanbedene) aanroept, waar hij geen bewijs voor heeft: zijn
afrekening is slechts bij zijn Heer. Waarlijk, de ongelovigen zullen nooit succesvol zijn. {117}
[Sūrať al-Muʾminūn : vers 117]

En in de overlevering staat [dat de Boodschapper van Allāh  zei]:

« ‫» اﻟﺪﱡ ﹶﻋﺎ ﹸء ﹸﻣ ﱡﺦ ا ﹾﻟ ﹺﻌ ﹶﺒﺎ ﹶد ﹺة‬


“De smeekbede is het brein van de aanbidding.”[6]

En het bewijs [dat ad-Duʿāʾ een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

[6]
Overgeleverd door at-Tirmiḑiyy in zijn Sunan (#3371).
D E D RIE F UNDAME NTEN 14

َ َّ َ َ َ ُ ُ ْ َ َ َ َ
َ ‫ِين �ستك�ون �ن عِباد� سيدخلون جهن َم داخِر‬
{60} ‫ين‬
ْ َ َ ُ ْ َ َْ َّ َّ ْ ُ َ ْ
َ �‫ وقال رب� ُم ادعو� أستجب ل�م إن ا‬ َْ َ ُ ْ ُ ُّ َ َ َ َ
ِ ِ ِ ِ ِ ِ
En jullie Heer zei: “Roep Mij aan, dan verhoor Ik jullie. Waarlijk, degenen die te hoogmoedig
zijn om mij te aanbidden, zullen de Hel vernederd binnentreden. {60}
[Sūrať Ġāfir : vers 60]

En het bewijs dat al-Gawf [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

َ ْ ُّ ُ ُ ُ َ َ ْ ُ ُ ََ ََ
{175} �ِ ‫ون إِن كنتم مؤ ِمن‬
ِ ‫ ف� �افوهم وخاف‬
…dus vrees hen niet, maar vrees Mij, als jullie gelovigen zijn. {175}
[Sūrať Āli ʿImrān : vers 175]

En het bewijs dat ar-Rajāʾ [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

ً َ َ َّ َ َ ْ ُْ ََ
{110} ‫�ك بِعِبادة ِ رب ِهِ أحدا‬
َ ً َ َ ْ َ ْ َْ َ ّ َ
َ
ً ِ ‫اء ربهِ فليعمل �م� ص‬ َ ُ َْ َ َ ََ
ِ � �‫ا�ا و‬ ِ ‫ �من �ن يرجو ل ِق‬
Dus wie op de Ontmoeting met zijn Heer hoopt, laat hem dan goede daden verrichten en geen
enkele deelgenoot toekennen in de aanbidding van zijn Heer.” {110}
[Sūrať al-Kahf : vers 110]

En het bewijs dat at-Tawakkul [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

َ ْ ُّ ُ ُ ُ َّ َ َ َّ ََ َ
{23} �ِ ‫ و� اللـهِ �ت َو�وا إِن كنتم مؤ ِمن‬
En vertrouw enkel op Allāh als jullie gelovigen zijn. {23}
[Sūrať al-Māʾidah : vers 23]

En Hij zei:

ُُ ْ َ َُ َّ َ َ ْ َّ َ َ َ َ
 ‫ ومن �ت َو� � اللـهِ �ه َو حسبه‬
En wie op Allāh vertrouwt, Hij is dan voldoende voor hem.
[Sūrať aṭ-Ṭalāq : vers 3]

En het bewijs dat ar-Raġbah, ar-Rahbah en al-Guşūʿ [aanbiddingen zijn], is Zijn  Uitspraak:

َ َ َ ُ ََ ً َ َ َ ً َ َ ََ ُ ْ َ َ
ِ ‫ات و�دعو�نا ر�با ورهبا و�نوا �َا خا‬
{90} �ِ‫شع‬
َ ْ َْ
ِ ��‫ إِ�هم �نوا �سارِعون ِ� ا‬
َ ُ َ ُ ُ َ ْ ُ َّ
Waarlijk, zij haastten zich naar het goede en zij riepen Ons aan met hoop en vrees, en zij waren
enkel tegenover Ons nederig. {90}
[Sūrať al-ʾAnbiyāʾ : vers 90]

En het bewijs dat al-Gaşyah [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

ْ َ ْ َ ْ ُْ َ َْ ََ
 �ِ ‫ ف� �شوهم واخشو‬
Vrees hen dus niet, maar vrees Mij…
[Sūrať al-Baqarah : vers 150]
15 H ET EERSTE FUNDAMENT : H ET KENNEN VAN DE H EER

En het bewijs dat al-ʾInābah [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

َُ ُ ْ ََ ْ ُ َّ َ
ٰ ِ ‫ وأن ِيبوا إ‬
 � ‫� رب ِ�م وأسل ِموا‬
ُ ََ
En keer berouwvol terug naar jullie heer en geef jullie over aan Hem…
[Sūrať az-Zumar : vers 54]

En het bewijs dat al-Istiʿānah [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

ُ َ ْ َ َ َّ
{4} �ِ‫ إِياك �عبد �ياك �ستع‬
ُ ُ ْ َ َ َّ
Enkel U aanbidden wij en enkel U vragen wij om hulp. {4}
[Sūrať al-Fātiḥah : vers 4]

En in de overlevering staat [dat de Boodschapper van Allāh  zei]:

« ‫ﺎﺳﺘ ﹺﹶﻌ ﹾﻦ ﺑﹺﺎﷲﹺ‬ ‫» إﹺ ﹶذا ﹾ‬


‫اﺳ ﹶﺘ ﹶﻌﻨ ﹶﹾﺖ ﹶﻓ ﹾ‬
“Wanneer je hulp vraagt, vraag dan hulp aan Allāh.”[7]

En het bewijs dat al-Istiʿāḑah [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:


َ َْ ّ
َ ُ ُ َ ُْ
{1} ‫ب الفل ِق‬
ِ ‫ قل أعوذ بِر‬
Zeg: “Ik zoek toevlucht bij de Heer van de morgenstond. {1}
[Sūrať al-Falaq : vers 1]

En:
ّ ُ ُ َ ُْ
ِ َّ�‫ب ا‬
{1} ‫اس‬ َ
ِ ‫ قل أعوذ بِر‬
Zeg: “Ik zoek toevlucht bij de Heer van de mensen. {1}
[Sūrať an-Nās : vers 1]

En het bewijs dat al-Istiġāţah [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

ْ ُ َ َ َ َ ْ َ ْ ُ َّ َ َ ُ َ ْ َ ْ
 ‫ إِذ �ستغِيثون رب�م فاستجاب ل�م‬
Toen jullie je Heer om redding vroegen en Hij jullie vervolgens antwoordde…
[Sūrať al-ʾAnfāl : vers 9]

En het bewijs dat aḑ-Ḑabḥ [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

َُ َ َ َ َ َ َْ ّ َ َّ َ َ َ َ ََْ َ َُُ َ َ َّ ُْ
ِ � {162} �‫ب العال ِم‬
 � ‫�يك‬ ِ ‫ا� ل ِلـهِ ر‬
ِ ‫ قل إِن ص� ِ� و�س ِ� و�ياي ومم‬
Zeg: “Voorwaar, mijn gebed, mijn offer, mijn leven en mijn dood zijn voor Allāh, de Heer van
alle schepselen. {162} Hij heeft geen deelgenoten.

[7]
Overgeleverd en authentiek verklaard door at-Tirmiḑiyy in zijn Sunan (#2516).
D E D RIE F UNDAME NTEN 16

[Sūrať al-ʾAnʿām : vers 162-163]

En vanuit de Sunnah (waarin de Boodschapper van Allāh  zei):

‫ﷲ ﹶﻣ ﹾﻦ ﹶذ ﹶﺑ ﹶﺢ ﻟﹺﻐ ﹾ ﹺ‬
« ‫ﹶﲑ اﷲﹺ‬ ‫» ﹶﻟ ﹶﻌ ﹶﻦ ا ﹸ‬
“Allāh vervloekt degene die een offer brengt aan een ander dan Allāh.”

En het bewijs dat an-Naḑr [een aanbidding is], is Zijn  Uitspraak:

ً
{7} ‫ط�ا‬
َ ْ ُ ُ َ َ َ ًَْ َ ُ َ ََ ْ
ُّ ‫ يوفون با�َّذر و�خافون يوما �ن‬ َ ُ ُ
ِ ‫�ه مست‬ ِ ِ
Zij vervullen de gelofte en vrezen een Dag waarvan het kwaad wijdverspreid zal zijn. {7}
[Sūrať al-ʾInsān : vers 7]
17 H ET TWEEDE FUNDAMENT : H ET KE NNEN VAN DE R ELIGIE AL -ʾI SLĀM MET DE BEWIJZEN

HET TWEEDE FUNDAMENT : HET KENNEN VAN DE I SLAM


MET DE BEWIJZEN

E n dat (d.w.z. de Islam) is:

- Al-Istislām (overgave) aan Allāh door middel van at-Tawḥīd;


- Al-Inqiyād (onderwerping) aan Hem door middel van gehoorzaamheid;
- En al-Barāʾah (distantiëring) van aş-Şirk en de mensen ervan.

En dit (d.w.z. de Islam) heeft drie niveaus:

1. Al-ʾIslām (de Islam)


2. Al-ʾĪmān (het geloof)
3. Al-ʾIḥsān (de perfectionering)

En ieder niveau heeft pilaren.

H ET EERSTE NIVEAU : A L -ʾI SLĀM ( DE I SLAM )


DE PILAREN VAN de Islam zijn vijf:

1. De getuigenis dat Lā ilāha illa l-Lāh (dat niets en niemand het recht heeft om aanbeden te
worden behalve Allāh) en dat Muḥammadan rasūlu l-Lāh (dat Muḥammad de
Boodschapper van Allāh is);
2. De totstandbrenging van het gebed;
3. Het geven van de Zakāh;
4. De vasten van de maand Ramaḍān;
5. En de bedevaart naar het Gewijde Huis van Allāh.

Vervolgens is het bewijs voor de getuigenis (d.w.z. de getuigenis dat Lā ilāha illa l-Lāh), Zijn 
Uitspraak:

ُ ‫ا�ك‬
{18} ‫ِيم‬
ْ
َ ‫�ز‬ َْ ُ َّ َ َ َ ْ ْ ً َ ْ ْ ُ َُ ُ َ َ َ ْ َ ُ َّ َ َ َ ُ َّ َ ُ َّ َ َ
ُ ‫ شهد اللـه �نه � إل ٰـه إ� ه َو والم��كة وأولو العِل ِم قا�ما بالقِس ِط � إل ٰـه إ� ه َو العز‬
ِ ِ ِ ِ ِ ِ ِ ِ ِ
Allāh getuigt, terwijl Hij met rechtvaardigheid onderhoudt, en de Engelen en de bezitters van
kennis getuigen, dat niets en niemand heeft het recht om aanbeden te worden behalve Hij (lā
ilāha illā huwa). Niets en niemand heeft het recht om aanbeden te worden behalve Hij (lā ilāha
illā huwa), al-ʿAzīz, al-Ḥakīm. {18}
[Sūrať Āli ʿImrān : vers 18]

En de betekenis ervan (d.w.z. van deze getuigenis) is: lā maʿbūda bi-ḥaqqin illa l-Lāh (geen
aanbedene met recht behalve Allāh, oftewel: niets en niemand heeft het recht om aanbeden te worden
behalve Allāh). “Lā ilāha” (geen aanbedene met recht…): Dit ontkent (het recht op aanbidding voor)
alles wat aanbeden wordt naast Allāh. “Illa l-Lāh” (…behalve Allāh): Dit bevestigt (het recht op)
D E D RIE F UNDAME NTEN 18

aanbidding voor Allāh Alleen, zonder deelgenoten in de aanbidding, net zoals Hij geen deelgenoten
heeft in Zijn Mulk (Koningschap). En de uitleg ervan (d.w.z. van deze getuigenis) die het verduidelijkt,
is Zijn  Uitspraak:
َّ َ ً ً َ َ َ ُ ُ ْ َ َّ ّ ٌ َ َ َّ ْ َ َ َ ُ َ ْ َ َ ْ
ْ ‫{ إ َّ� َّا�ِي َ� َط َر� فَإنَّ ُه َس َي‬26} ‫ون‬
‫{ َو َج َعل َها � َِمة بَا� َِية ِ� َعقِبِهِ ل َعل ُه ْم‬27} ‫ِين‬
ِ ‫د‬ ‫ه‬ ِ ِ ِ ‫ �ذ قال إِبراهِيم ِ��ِيهِ وقو ِمهِ إِن ِ� براء ِمما �عبد‬
َ ُ َْ
{28} ‫جعون‬ ِ ‫ير‬
En toen Ibrāhīm tegen zijn vader en zijn volk zei: “Ik distantieer mij van wat jullie aanbidden.
{26} Behalve van Degene Die mij heeft geschapen. Waarlijk, Hij zal mij leiden. {27} En hij maakte
het tot een blijvend Woord onder zijn nakomelingen, opdat zij zullen terugkeren. {28}
[Sūrať az-Zugruf : vers 26-28]

En Zijn Uitspraak:
َ ً ُ َ َ َ ْ ُ َ َ َ َّ َّ َ ُ ْ َ َّ َ ْ ُ َ ْ َ َ َ َ ْ َ َ َ َ َ ٰ َ ْ َ َ َ َ ْ َ ْ َ َ ْ ُ
‫� َك بِهِ شيْئًا َو� َ� َّتخِذ َ� ْعض َنا َ� ْعضا أ ْر�َابًا ّمِن‬
ِ � �‫اب �عالوا إِ� � ِم ٍة سوا ٍء بيننا و�ين�م �� �عبد إِ� اللـه و‬ ِ ‫ قل يا أهل الكِت‬
َ ُ ْ ُ َّ َ ُ َ ْ ُ ُ َ ْ َّ َ َ َ َّ ُ
{64} ‫ون اللـهِ فإِن تولوا �قولوا اشهدوا بِ�نا مسل ِمون‬
ِ ‫د‬
Zeg (o Profeet): “O lieden van het Boek, kom tot een rechtvaardig woord tussen ons en jullie;
dat wij niemand aanbidden behalve Allāh en wij geen enkele deelgenoot aan Hem toekennen, en
dat wij elkaar niet als goden nemen naast Allāh. Als zij zich dan afwenden, zeg dan: “Getuig dat
wij moslims zijn.” {64}
[Sūrať Āli ʿImrān : vers 64]

En het bewijs voor de getuigenis dat Muḥammadan rasūlu l-Lāh (dat Muḥammad de
Boodschapper van Allāh is), is Zijn  Uitspraak:

َّ ٌ َ َ ْ ُْ ُ َْ َ
ٌ ‫�ز عليهِ ما عن ِتم حر�ص علي�م بالمؤ ِمن ِ� ر ُءوف رح‬ ٌ َ ْ ُّ َ َ ْ َ َ
ٌ ‫اء�م رسول ِمن أنفسِ�م عز‬
َ ‫ لقد ج‬ َ ْ ُ ُ َ ْ ّ ٌ َُ ْ ُ َ ْ ََ
{127} ‫ِيم‬ ِ ِ ِ
Voorzeker, er is een Boodschapper uit jullie midden tot jullie gekomen. Het valt hem zwaar dat
jullie lijden. Hij bekommert zich om jullie. Voor de gelovigen is hij zachtaardig, genadevol.
{127}
[Sūrať at-Tawbah : vers 128]

En de betekenis van de getuigenis dat Muḥammadan rasūlu l-Lāh, is:

- Hem () gehoorzamen in hetgeen wat hij bevolen heeft;


- Het geloven in hetgeen wat hij () bericht heeft;
- Het vermijden van hetgeen wat hij () verboden heeft en waar hij voor gewaarschuwd heeft;
- En dat Allāh slechts aanbeden wordt met hetgeen wat hij () voorgeschreven heeft.

En het bewijs voor aṣ-Ṣalāh (het gebed) en az-Zakāh, en de uitleg van at-Tawḥīd, is Zijn  Uitspraak:

َ ّ َْ َ َ َ َ َ َّ ُ ْ ُ َ َ َ َّ
ُ ‫اء و�قِيموا الص�ة و�ؤتوا الز�ة و�ٰل ِك د‬ ُ َُ ََُ ّ َُ َ ْ ُ َ َّ ُُْ َّ ُ ََ
{5} ِ‫ِين القي ِمة‬ َ �
َ ‫ين حنف‬ِ ‫ وما أم ُِروا إِ� ِ�َعبدوا اللـه �ل ِِص� � ا‬
En zij werden uitsluitend opgedragen om Allāh te aanbidden, terwijl zij de Religie zuiver aan
Hem toewijden, als Ḥunafāʾ (zij die zich van aş-Şirk afwenden tot at-Tawḥīd) en om het gebed
tot stand te brengen en de Zakāh te betalen. En dat is de rechte Religie. {5}
19 H ET TWEEDE FUNDAMENT : H ET KE NNEN VAN DE R ELIGIE AL -ʾI SLĀM MET DE BEWIJZEN

[Sūrať al-Bayyinah : vers 5]

En het bewijs voor aṣ-Ṣiyām (de vasten) is Zijn  Uitspraak:

َ ُ َّ َ ْ ُ َّ َ َ ْ ُ َْ
َ �‫الصيام كما كت ِب � ا‬ َّ َ َ َ ُ َ َ ُ َ ّ ُ َْ َ َ ُ َُ َّ َ ُّ َ َ
{183} ‫ِين مِن �بل ِ�م لعل�م �تقون‬ ِ ‫ِين آمنوا كت ِب علي� ُم‬
َ �‫ يا ��ها ا‬
O jullie die geloven, de vasten is jullie voorgeschreven, zoals het degenen vóór jullie werd
voorgeschreven, opdat jullie zullen vrezen. {183}
[Sūrať al-Baqarah : vers 183]

En het bewijs voor al-Ḥajj (de bedevaart) is Zijn  Uitspraak:

َ َ َْ َ َ َ َّ َّ َ َ َ ََ ً َ َ َ ََْ َ ْ ْ ُّ ََ َّ َ
ٌّ ِ ‫ت من استطاع إِ�ْهِ سبِي� ومن �ف َر فإِن اللـه غ‬
{97} �‫� ع ِن العال ِم‬ َ ِ َّ�‫ ول ِلـهِ � ا‬
ِ ِ ‫اس حِج ا�ي‬
En ḥajj naar het Huis is door Allāh voor de mensen verplicht gesteld, voor wie ertoe in staat is.
En wie ongeloof pleegt, dan heeft Allāh geen behoefte aan al-ʿĀlamīn (alle schepselen). {97}
[Sūrať Āli ʿImrān : vers 97]

H ET TWEEDE NIVEAU : A L -ʾĪ MĀN ( HET GELOOF )


EN HET HEEFT biḍʿ (een getal tussen drie en negen) en zeventig vertakkingen. De hoogste ervan is: de
uitspraak lā ilāha illa l-Lāh. En de laagste ervan is: iets schadelijks verwijderen van de weg. En
schaamte is een vertakking van al-ʿĪmān (het geloof). En de pilaren ervan zijn zes, namelijk dat je
gelooft in:

1. Allāh;
2. Zijn Engelen;
3. Zijn Boeken;
4. Zijn Boodschappers;
5. De Laatste Dag;
6. En dat je gelooft in al-Qadar (de Voorbeschikking), zowel het goede als het kwade ervan.

En het bewijs voor deze zes pilaren, is Zijn  Uitspraak:

َ َ ْ َ َ ْ ْ ْ َّ َ َ ْ َ ْ ْ ْ ْ َ ُ َ ُ
َ ْ َّ َّ ٰ َ ‫� أن ت َولوا ُوجوه� ْم ق َِبل ال َم�ق َوال َمغر‬ ُّ ُ َ ْ
َّ ‫ لي َس ال‬ ْ َّ
 �ِ ‫اب َوا�َّب ِ ّي‬ َ َ َ َْ َ
ِ ‫ب ولـ�ِن ال ِ� من آمن بِاللـهِ وا�و ِم ا�خ ِِر والم��ِك ِة والكِت‬
ِ ِ ِ ِ ِ
De deugdzaamheid is niet dat jullie je gezichten naar het oosten en het westen wenden, maar
deugdzaam is degene die in Allāh, de Laatste Dag, de Engelen, het Boek en de Profeten gelooft.
[Sūrať al-Baqarah : vers 177]

En het bewijs voor al-Qadar is Zijn  Uitspraak:

َ َ ُ ََْ َ َ َّ ُ َّ
ْ � ‫ إِنا‬
{49} ‫� ٍء خلقناه بِقد ٍر‬
Voorwaar, Wij hebben alles geschapen met Qadar (een voorbeschikking). {49}
[Sūrať al-Qamar : vers 49]
‫‪D E D RIE F UNDAME NTEN‬‬ ‫‪20‬‬

‫) ‪H ET DERDE NIVEAU : AL - ʾ I ḤSĀN ( DE PERFECTIONERING‬‬


‫‪DIT KENT ÉÉN pilaar, en dat is: Dat je Allāh aanbidt alsof je Hem ziet, en als je Hem dan niet (aanbidt‬‬
‫‪alsof je Hem) ziet, dan ziet Hij jou wel. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:‬‬

‫ُ ُّ ْ ُ َ‬
‫ِين ا�قوا وا� َ‬ ‫َّ َ َّ َّ‬
‫‪ ‬إن اللـه مع ا� َ‬ ‫َّ َّ َ َ َ َّ‬
‫ِين هم �سِنون }‪{128‬‬ ‫ِ‬
‫‪Voorwaar, Allāh is met degenen die vrezen en degenen die weldoeners zijn. {128}‬‬
‫]‪[Sūrať an-Naḥl : vers 128‬‬

‫‪En Zijn Uitspraak:‬‬

‫ُ َْ‬ ‫َّ‬ ‫َّ ُ ُ‬


‫ِين }‪ {219‬إنه ه َو الس ِميع العل ُ‬ ‫َّ‬ ‫َ َ َ ُّ َ َ‬
‫الرحِي ِم }‪ {217‬ا�ِي ي َراك حِ� �قوم }‪ {218‬و�قلبك � الساجد َ‬ ‫َ َُ ُ‬
‫‪ ‬وت َو� � العز�ز َّ‬ ‫َ َ‬ ‫َّ‬ ‫َ َ َّ ْ َ َ ْ َ‬
‫ِيم }‪{220‬‬ ‫ِ‬ ‫ِ‬ ‫ِ‬ ‫ِ ِ‬
‫‪En stel je vertrouwen in de Almachtige, de Meest Genadevolle. {217} Degene Die jou ziet‬‬
‫‪wanneer jij (op)staat (voor het nachtgebed). {218} En jouw omwentelingen (ziet) onder de‬‬
‫‪neerknielenden (d.w.z. jouw bewegingen in het gebed). {219} Waarlijk, Hij is de Alhorende, de‬‬
‫‪Alwetende. {220}‬‬
‫]‪[Sūrať aş-Şuʿarāʾ : vers 217–220‬‬

‫‪En Zijn Uitspraak:‬‬

‫َ َ ْ َ ُ َ ْ َ َ َّ ُ َّ َ َ ْ ُ ْ ُ ُ ً ْ ُ ُ َ‬ ‫َ َُْ ُْ‬ ‫َْ‬


‫آن َوﻻ �ﻌﻤﻠﻮن ِﻣﻦ �ﻤ ٍﻞ إِﻻ ﻛﻨﺎ ﻋﻠﻴ�ﻢ ﺷﻬﻮدا ِإذ ﺗ ِﻔﻴﻀﻮن ِ�ﻴ ِﻪ ‪‬‬ ‫َ‬ ‫ُْ‬ ‫َ‬ ‫َ َ ُ ُ‬
‫‪ ‬وﻣﺎ ﺗ�ﻮن ِﻲﻓ ﺷﺄ ٍن وﻣﺎ �ﺘﻠﻮ ِﻣﻨﻪ ِﻣﻦ ﻗﺮ ٍ‬
‫‪En er is geen zaak (d.w.z. aanbidding) die jij (o Profeet) verricht, en geen voordracht die jij‬‬
‫‪daaruit (d.w.z. uit de Qurʾān) houdt, en geen daden die jullie (d.w.z. jij o Profeet en jouw‬‬
‫‪Gemeenschap) verrichten, of Wij zijn daar Getuigen van terwijl jullie daarmee bezig zijn. …tot‬‬
‫‪het einde van het Vers.‬‬
‫]‪[Sūrať Yūnus : vers 61‬‬

‫‪D E BEKENDE OVERLEVERING VAN J IBRĪL OVER DEZE DRIE NIVEAUS‬‬


‫‪EN HET BEWIJS‬‬ ‫‪(voor de drie niveaus) vanuit de Sunnah, is de bekende overlevering van Jibrāʾīl (d.w.z.‬‬
‫‪Jibrīl):‬‬

‫ﺎب‪ ،‬ﹶﺷ ﹺﺪﻳﺪﹸ‬ ‫ﺎض اﻟ ﱢﺜ ﹶﻴ ﹺ‬‫ﻮل اﷲﹺ ‪ ،‬إﹺ ﹾذ ﹶﻃ ﹶﻠ ﹶﻊ ﹶﻋ ﹶﻠ ﹾﻴﻨﹶﺎ ﹶر ﹸﺟ ﹲﻞ ﹶﺷ ﹺﺪﻳﺪﹸ ﹶﺑ ﹶﻴ ﹺ‬ ‫ﻮس ﹺﻋﻨﹾﺪﹶ رﺳ ﹺ‬
‫ﹶ ﹸ‬ ‫ﴈ اﷲﹸ ﹶﻋﻨﹾ ﹸﻪ‪ ،‬ﹶﻗ ﹶﺎل‪ » :‬ﹶﺑ ﹾﻴﻨ ﹶﹶﲈ ﻧ ﹾﹶﺤ ﹸﻦ ﹸﺟ ﹸﻠ ﹲ‬
‫ﹺ‬
‫ﹶﻋ ﹾﻦ ﹸﻋ ﹶﻤ ﹶﺮ ﹶر ﹶ‬
‫اﻟﺴ ﹶﻔ ﹺﺮ ﹶوﻻ ﹶﻳ ﹾﻌ ﹺﺮ ﹸﻓ ﹸﻪ ﹺﻣﻨﱠﺎ ﹶأ ﹶﺣﺪﹲ ‪ ،‬ﹶﺣﺘﱠﻰ ﹶﺟ ﹶﻠ ﹶﺲ إﹺ ﹶﱃ اﻟﻨﱠﺒﹺ ﱢﻲ ‪ ،‬ﹶﻓ ﹶﺄ ﹾﺳﻨﹶﺪﹶ ﹸر ﹾﻛ ﹶﺒ ﹶﺘ ﹾﻴ ﹺﻪ إﹺ ﹶﱃ ﹸر ﹾﻛ ﹶﺒ ﹶﺘ ﹾﻴ ﹺﻪ‪ ،‬ﹶو ﹶو ﹶﺿ ﹶﻊ‬ ‫ﹺ‬
‫اﻟﺸ ﹾﻌ ﹺﺮ‪ ،‬ﻻ ﹸﻳ ﹶﺮ￯ ﹶﻋ ﹶﻠ ﹾﻴﻪ ﹶأ ﹶﺛ ﹸﺮ ﱠ‬ ‫اد ﱠ‬‫ﺳﻮ ﹺ‬
‫ﹶ ﹶ‬
‫ﹺ‬ ‫اﻹ ﹾﺳﻼمﹺ‪ ،‬ﹶﻗ ﹶﺎل‪ ) :‬ﹶأ ﹾن ﺗ ﹾﹶﺸ ﹶﻬﺪﹶ ﹶأ ﹾن ﹶﻻ إﻟ ﹶﻪ إﹺﻻ اﷲﹸ‪ ،‬ﹶو ﹶأ ﱠن ﹸﳏ ﱠﹶﻤﺪﹰ ا ﹶر ﹸﺳ ﹸ‬ ‫ﱪ ﹺ ﹾﲏ ﹶﻋ ﹺﻦ ﹺ‬ ‫ﹺ ﹺ‬ ‫ﹺ‬
‫ﻴﻢ‬ ‫ﻮل اﷲﹺ‪ ،‬ﹶوﺗﹸﻘ ﹶ‬ ‫ﹶﻛ ﱠﻔ ﹾﻴﻪ ﻋ ﹶﹶﲆ ﹶﻓﺨ ﹶﺬ ﹾﻳﻪ‪ ،‬ﹶو ﹶﻗ ﹶﺎل ﹶﻳﺎ ﹸﳏ ﱠﹶﻤﺪﹸ ‪ :‬ﹶأ ﹾﺧ ﹺ ﹾ‬
‫ﺖ‪ ،‬ﹶﻓ ﹶﻌ ﹺﺠ ﹾﺒﻨﹶﺎ ﹶﻟ ﹸﻪ ﹶﻳ ﹾﺴ ﹶﺄ ﹸﻟ ﹸﻪ‬ ‫اﺳ ﹶﺘ ﹶﻄ ﹾﻌ ﹶﺖ إﹺ ﹶﻟ ﹾﻴ ﹺﻪ ﹶﺳﺒﹺ ﹰﻴﻼ(‪ ،‬ﹶﻓ ﹶﻘ ﹶﺎل‪ :‬ﹶﺻﺪﹶ ﹾﻗ ﹶ‬‫ﺎن‪ ،‬ﹶو ﹶﲢ ﱠﹸﺞ ا ﹾﻟ ﹶﺒ ﹾﻴ ﹶﺖ إﹺ ﹾن ﹾ‬ ‫ﰐ اﻟﺰﱠ ﻛﹶﺎةﹶ‪ ،‬ﹶوﺗ ﹸﹶﺼﻮ ﹶم ﹶر ﹶﻣ ﹶﻀ ﹶ‬ ‫اﻟﺼﻼةﹶ‪ ،‬ﹶوﺗﹸﺆﹾ ﹺ ﹶ‬ ‫ﱠ‬
‫اﻵﺧ ﹺﺮ‪ ،‬ﹶوﺗﹸﺆﹾ ﹺﻣ ﹶﻦ ﺑﹺﺎ ﹾﻟ ﹶﻘﺪﹶ ﹺر‬ ‫اﻹﻳﲈ ﹺن؟ ﹶﻗ ﹶﺎل‪ ) :‬ﹶأ ﹾن ﺗﹸﺆﹾ ﹺﻣﻦ ﺑﹺﺎﷲﹺ‪ ،‬وﻣﻼﺋﹺﻜﹶﺘﹺ ﹺﻪ‪ ،‬و ﹸﻛﺘﹸﺒﹺ ﹺﻪ‪ ،‬ورﺳﻠﹺ ﹺﻪ‪ ،‬وا ﹾﻟﻴﻮ ﹺم ﹺ‬
‫ﹶ ﹶﹾ‬ ‫ﹶﹸ ﹸ‬ ‫ﹶ‬ ‫ﹶ ﹶ‬ ‫ﹶ‬ ‫ﱪ ﹺ ﹾﲏ ﹶﻋ ﹺﻦ ﹾ ﹺ ﹶ‬
‫ﹶو ﹸﻳ ﹶﺼﺪﱢ ﹸﻗ ﹸﻪ‪ .‬ﹶﻗ ﹶﺎل‪ :‬ﹶﻓﺄ ﹾﺧ ﹺ ﹾ‬
‫اﻹﺣﺴ ﹺ‬ ‫ﹶﺧ ﹺﲑ ﹺه و ﹶ ﹺ‬
‫اك(‪.‬‬ ‫ﱠﻚ ﺗ ﹶﹶﺮا ﹸه‪ ،‬ﹶﻓﺈﹺ ﹾن ﹶﱂ ﹾ ﹶﺗ ﹸﻜ ﹾﻦ ﺗ ﹶﹶﺮا ﹸه ﹶﻓﺈﹺ ﱠﻧ ﹸﻪ ﹶﻳ ﹶﺮ ﹶ‬
‫ﺎن؟ ﹶﻗ ﹶﺎل‪ ) :‬ﹶأ ﹾن ﹶﺗ ﹾﻌ ﹸﺒﺪﹶ اﷲﹶ ﻛ ﹶﹶﺄﻧ ﹶ‬ ‫ﱪ ﹺ ﹾﲏ ﹶﻋ ﹺﻦ ﹺ ﹾ ﹶ‬
‫ﴍه(‪ .‬ﹶﻗ ﹶﺎل‪ :‬ﹶﺻﺪﹶ ﹾﻗ ﹶﺖ‪ .‬ﹶﻗ ﹶﺎل‪ :‬ﹶﻓ ﹶﺄ ﹾﺧ ﹺ ﹾ‬ ‫ﹾ ﹶ ﱢ‬
21 H ET TWEEDE FUNDAMENT : H ET KE NNEN VAN DE R ELIGIE AL -ʾI SLĀM MET DE BEWIJZEN

‫ ) ﹶأ ﹾن ﺗﹶﻠﹺﺪﹶ اﻷﹶ ﹶﻣ ﹸﺔ‬:‫اﲥﺎ؟ ﹶﻗ ﹶﺎل‬


‫ﹺ‬ ‫ﹺ‬ ‫ﹺ‬ ‫ﹺ‬ ‫ ﹶﻓ ﹶﺄ ﹾﺧ ﹺ ﹾ ﹺ‬:‫ﹶﻗ ﹶﺎل‬
‫ﱪ ﹺﲏ ﹶﻋ ﹾﻦ ﹶأ ﹶﻣ ﹶﺎر ﹶ‬
‫ ﹶﻓ ﹶﺄ ﹾﺧ ﹺ ﹾ‬:‫ ﹶﻗ ﹶﺎل‬،(‫اﻟﺴﺎﺋ ﹺﻞ‬
‫ ) ﹶﻣﺎ اﳌﹾﹶ ﹾﺴﺆﹸ ﹾو ﹸل ﹶﻋﻨ ﹶﹾﻬﺎ ﺑﹺ ﹶﺄ ﹾﻋ ﹶﻠ ﹶﻢ ﻣ ﹶﻦ ﱠ‬:‫اﻟﺴﺎﻋﹶﺔ؟ ﹶﻗ ﹶﺎل‬
‫ﱪ ﹾﲏ ﹶﻋ ﹺﻦ ﱠ‬
‫ﻮن ﹺﰲ ا ﹾﻟﺒﻨﹾﻴ ﹺ‬
،‫ ) ﹶﻳﺎ ﻋ ﹶﹸﻤ ﹸﺮ‬:‫ ﹶﻓ ﹶﻘ ﹶﺎل‬،‫ » ﹶﻓ ﹶﻤ ﹶﴣ ﹶﻓ ﹶﻠﺒﹺ ﹾﺜﻨﹶﺎ ﹶﻣﻠﹺ ﱠﻴﺎ‬:‫ « ﹶﻗ ﹶﺎل‬.(‫ﺎن‬ ‫اﳊ ﹶﻔﺎ ﹶة ا ﹾﻟﻌﺮا ﹶة ا ﹾﻟﻌﺎ ﹶﻟ ﹶﺔ ﹺرﻋﹶﺎء ﱠ ﹺ‬
‫ﹸ ﹶ‬ ‫ﺎو ﹸﻟ ﹶ‬
‫ ﹶﻳ ﹶﺘ ﹶﻄ ﹶ‬،‫اﻟﺸﺎء‬ ‫ﹶ‬ ‫ﹶ‬ ‫ﹸﹶ‬ ‫ ﹶو ﹶأ ﹾن ﺗ ﹶﹶﺮ￯ ﹾ ﹸ‬،‫ﹶر ﱠﺑﺘ ﹶﹶﻬﺎ‬
« .(‫ﱪاﺋﹺ ﹾﻴ ﹸﻞ ﹶأﺗﹶﺎﻛ ﹾﹸﻢ ﹸﻳ ﹶﻌ ﱢﻠ ﹸﻤﻜ ﹾﹸﻢ ﹶأ ﹾﻣ ﹶﺮ ﹺدﻳﻨﹺﻜ ﹾﹸﻢ‬ ‫ ﹶ‬:‫ ﹶﻗ ﹶﺎل‬.‫ اﷲﹸ ﹶو ﹶر ﹸﺳ ﹾﻮ ﹸﻟ ﹸﻪ ﹶأ ﹾﻋ ﹶﻠ ﹸﻢ‬:‫ ﹸﻗ ﹾﻠ ﹸﺖ‬.(‫اﻟﺴﺎﺋﹺ ﹸﻞ؟‬
‫)ﻫ ﹶﺬا ﹶﺟ ﹾ ﹶ‬ ‫ﹶأﺗﹶﺪﹾ ﹺر ﹾي ﹶﻣ ﹺﻦ ﱠ‬
Overgeleverd van ʿUmar , die zei: “Terwijl wij zaten bij de Boodschapper van Allāh ,
verscheen er opeens een man met zeer witte kleding en zeer zwart haar, aan wie geen sporen van
het reizen te zien waren en niemand van ons kende hem, tot hij ging zitten voor de Profeet ,
waarop hij zijn knieën tegen zijn knieën (d.w.z. die van de Profeet ) zette en zijn handen op
zijn bovenbenen (d.w.z. die van de Profeet ) plaatste, en hij zei: “O Muḥammad, bericht mij
over de Islam.” Hij (d.w.z. de Profeet ) zei: “Dat je getuigt dat lā ilāha illa l-Lāh (dat niets en
niemand het recht heeft om aanbeden te worden behalve Allāh) en dat Muḥammadan rasūlu l-
Lāh (dat Muḥammad de Boodschapper van Allāh is), dat je het gebed tot stand brengt, dat je de
Zakāh geeft, dat je de Ramaḍān vast en dat je de Ḥajj (de bedevaart) verricht naar het Huis indien
je daartoe in staat bent.” Daarop zei hij (d.w.z. de man): “Je hebt de waarheid gesproken.”
Hierop verbaasden wij ons over hem, dat hij hem vroeg en hij hem vervolgens waarachtig
verklaarde (in zijn antwoord).
Hij zei: “Bericht mij dan over al-ʾĪmān (het geloof)?” Hij (d.w.z. de Profeet ) zei: “Dat je
gelooft in Allāh, Zijn Engelen, Zijn Boeken, Zijn Boodschappers, de Laatste Dag, en dat je gelooft
in al-Qadar (de voorbeschikking), zowel het goede als het slechte ervan.” Hij (d.w.z. de man)
zei: “Je hebt de waarheid gesproken.”
Hij zei: “Bericht mij dan over al-ʾIḥsān (de perfectionering)?” Hij (d.w.z. de Profeet ) zei:
“Dat je Allāh aanbidt alsof je Hem ziet, en als je Hem dan niet (aanbidt alsof je Hem) ziet, dan
ziet Hij jou wel.”
Hij zei: “Bericht mij dan over het Uur?” Hij (d.w.z. de Profeet ) zei: “De gevraagde erover
weet het niet beter dan de vraagsteller.” Hij zei: “Bericht mij dan over haar tekenen?” Hij (d.w.z.
de Profeet ) zei: “Dat het slavenmeisje haar meesteres baart, en dat je blootsvoetse, naakte en
arme schapenherders ziet wedijveren in hoge gebouwen.””
Hij (d.w.z. ʿUmar ) zei: “Hij ging weg, waarna wij een lange tijd bleven zitten. Waarna hij
(d.w.z. de Profeet ) zei: “O ʿUmar, weet je wie de vraagsteller was?” Ik zei: “Allāh en Zijn
Boodschapper weten het beter.” Hij (d.w.z. de Profeet ) zei: “Dit was Jibrāʾīl; hij kwam om
jullie de zaak van jullie religie te onderwijzen.”” [ 8]

[8]
Overgeleverd in Ṣaḥīḥ Muslim (#8).
D E D RIE F UNDAME NTEN 22

HET DERDE FUNDAMENT : H ET KENNEN VAN JULLIE


PROFEET M UḤAMMAD 

E n hij is Muḥammad, de zoon van ʿAbdullah, de zoon van ʿAbd al-Muṭṭalib, de zoon van Hāşim,
en Hāṣim behoort tot Qurayş, en Qurayş behoort tot de Arabieren, en de Arabieren behoren tot
de kinderen van Ismāʿīl, de zoon van Ibrāhīm al-Galīl (de boezemvriend van Allāh). Moge over hem
en over onze Profeet de beste aṣ-ṣalāh (de prijzing van Allāh in aanwezigheid van de Engelen) en as-
Salām zijn.
Hij () werd drieënzestig jaar, waarvan veertig voor de profeetschap en drieëntwintig als Profeet
en Boodschapper. Hij werd een Profeet met (het begin van Sūrať):
ْ ْ
 ‫ ٱق َرأ‬
Lees…
[Sūrať al-ʿAlaq : vers 1]

En hij () werd een Boodschapper met (het begin van Sūrať) al-Muddaţţir (Hoofdstuk 74). Zijn
thuisland was Makkah en hij emigreerde naar Madīnah. Allāh zond hem met de waarschuwing voor
aş-Şirk en de uitnodiging naar at-Tawḥīd. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:
ْ َ َْ َُْ ََ ْ ََ ْ ُ َ
ُِ ‫ك‬ ْ َ َ ْ ُّ َ
ُ ‫ٱه‬
‫{ و� �من �ست‬5} ‫ج ْر‬
َ َ َ َ َ َّ َ َ
ّْ‫ك‬
‫{ وٱلرجز ف‬4} ‫{ َو� َِيابَك � َط ّ ِه ْر‬3} � ُ ّ َّ ُ ْ َ ُّ َ
{6} � ِ ‫{ ور�ك ف‬2} ‫{ �م فأنذِر‬1} ‫ يـٰٓ��ها ٱلمدث ِر‬
ْ ْ َ َ ّ َ
{7} �ِ ‫ول َِر�ِك فٱص‬
O jij (Muḥammad) omwikkelde (in gewaden). {1} Sta op en waarschuw. {2} En verheerlijk enkel
jouw Heer. {3} En reinig jouw gewaad. {4} En blijf weg van de afgodsbeelden. {5} En geef niet uit
om meer te krijgen. {6} En wees geduldig omwille van jouw Heer. {7}
[Sūrať al-Muddaţti̧ r : vers 1-7]

En de betekenis van: Sta op en waarschuw. {2} (74:2), is: het waarschuwen voor aş-Şirk en het
uitnodigen naar at-Tawḥīd. En: En verheerlijk enkel jouw Heer. {3} (74:3), betekent: verheerlijk
Hem middels at-Tawḥīd. En: En reinig jouw gewaad. {4} (74:4), betekent: zuiver jouw daden van
aş-Şirk. En En blijf weg van de afgodsbeelden (ar-Rujz). {5} (74:5): ar-Rujz zijn afgodsbeelden, en
het weg blijven ervan is het verlaten ervan en het zich distantiëren ervan en van de mensen ervan
(d.w.z. de afgodenaanbidders). Hij () ging tien jaar hierop door, uitnodigend naar at-Tawḥīd. Na
deze tien jaar, werd hij omhoog gebracht naar de hemel en werden hem de vijf gebeden opgelegd. Hij
bad drie jaar in Makkah en daarna werd hij bevolen tot het verrichten van al-Hijrah naar al-Madīnah.
En al-Hijrah is: het verhuizen van een land van aş-Şirk naar een land van al-ʾIslām. En al-Hijrah
is een verplichting voor deze Ummah (de islamitische gemeenschap) van de landen van aş-Şirk naar
de landen van al-ʾIslām, en het is blijvend tot aan de totstandkoming van het Uur. En het bewijs is
Zijn  Uitspraak:
َّ ُ َ ُ َ َ َ ُ َ َْ َ ‫ض َعف‬ ْ َ ْ ُ َّ ُ ُ َ ْ ُ ُ َ ُ َ ُ َ ٓ َ ُ َ ٰٓ َ َ ْ ُ ُ ٰ َّ َ َ َ َّ َّ
ِ‫ِ� ِ� ٱ� ْر ِض قال ٓوا �ل ْم ت� ْن أ ْرض ٱللـه‬ ‫س ِه ْم قالوا �ِيم كنتم قالوا كنا مست‬ ِ ‫ِ� أنف‬ ِ ‫ إِن ٱ�ِين توفٮهم ٱلملـ�ِكة ظال‬
َ َ ْ ْ َ َ ّ َ َ ّ َ َ َ ْ َ ْ ُ ْ َّ ْ ُ
ً َ ْ َ ََ ُ َ ْ ُ َ َ َ َ َ َ
َّ َ ُ ‫َ�ٰس َِع ًة َ� ُت َها‬
ِ ‫{ إِ� ٱلمستضعفِ� مِن ٱلرِج‬97} ‫جروا �ِيها فأولـٰٓ�ِك مأوٮٰهم جهنم وسآءت م ِص�ا‬
� ‫ال وٱلن ِسآ ِء وٱلوِل� ٰ ِن‬ ِ
ً ُ َ ًّ ُ َ ُ َّ َ َ َ ْ ُ ْ َ َ ُ ْ َ َ ُ َّ َ َ َ ٰٓ َ ُ َ ً َ َ َُْ َ ََ ًَ َ ُ َ َْ
{99} ‫{ فأولـ�ِك ع� ٱللـه أن �عفو �نهم و�ن ٱللـه �فوا �فورا‬98} �‫طيعون حِيلة و� �هتدون سبِي‬ ِ ‫�ست‬
23 H ET DERDE FUNDAMENT : H ET KE NNEN VAN JULLIE P ROFEET M UḤAMMAD 

Waarlijk, degenen wiens zielen door de Engelen worden weggenomen terwijl zij zichzelf
onrecht aandeden, zij (d.w.z. de Engelen) zullen zeggen (tegen hen): “In wat (voor een toestand)
verkeerden jullie?” Zij zullen antwoorden: “Wij waren zwak en onderdrukt op aarde.” Zij
(d.w.z. de Engelen) zullen zeggen: “Was de aarde van Allāh dan niet ruim genoeg voor jullie om
erop te emigreren?” Hun verblijfplaats zal de Hel zijn. En dat is een slechte Eindbestemming.
{97} Behalve de zwakken onder de mannen, de vrouwen en de kinderen die niet tot een plan in
staat zijn noch een weg kunnen vinden. {98} Voor hen is er hoop dat Allāh hen zal vergeven en
Allāh is Meest Pardonnerend, Meest Vergevensgezind. {99}
[Sūrať an-Nisāʾ : vers 97-99]

En Zijn  Uitspraak:

ُُْ َ
َ َّ َ ٌ َ َ َ ْ َ َّ
َ َُ َّ َ َ
ِ ‫ يا عِبادِي ا�ِين آمنوا إِن أر ِ� واسِعة فإِياي فا�بد‬
{56} ‫ون‬
O Mijn dienaren die geloven, voorwaar, Mijn aarde is ruim, dus aanbid alleen Mij. {56}
[Sūrať al-ʿAnkabūt, vers 56]

Al-Baġawiyy  zei: “De oorzaak van de openbaring van dit Vers is de moslims in Makkah die
geen hijrah verricht hadden; Allāh sprak hen toe als gelovigen.”[ 9] En het bewijs voor al-Hijrah vanuit
de Sunnah is zijn () uitspraak:

ْ َّ ُ َ ُ َّ ُ َ ْ َ َ ُ َ ْ َّ َ َ ْ َ َّ َ ُ َ ْ ْ ُ َ ْ َ
( ‫اﺘﻟ ْﻮ َ�ﺔ َﺣ َّﻰﺘ � ْﻄﻠ َﻊ الﺸ ْﻤ ُﺲ ِﻣ ْﻦ َﻣﻐ ِﺮ�ِ َﻬﺎ‬ ‫ وﻻ �ﻨﻘ ِﻄﻊ‬،‫) ﻻ �ﻨﻘ ِﻄﻊ ال ِﻬﺠﺮة ﺣﻰﺘ �ﻨﻘ ِﻄﻊ اﺘﻟﻮ�ﺔ‬
“Al-Hijrah zal niet tot een einde komen tot er een einde komt aan at-tawbah (berouw), en at-
tawbah zal niet tot een einde komen totdat de zon opkomt vanuit het westen.”[ 10]

Toen hij zich vestigde in al-Madīnah, werden hem de resterende islamitische voorschriften
opgelegd, zoals az-Zakāh, de vasten, al-Ḥajj, al-Jihād, het bevelen van het goede en het verbieden van
het slechte en andere voorschriften van de Islām. Hij ging hier tien jaar op door en daarna overleed
hij, moge de ṣalāh van Allāh (d.w.z. Zijn Prijzing voor hem  in de aanwezigheid van de Engelen) en
Zijn Salām op hem zijn.
En zijn religie is blijvend, en dit is zijn religie. Er is niks goeds, behalve dat hij de Ummah erop
heeft gewezen, en er is geen kwaad, behalve dat hij haar (d.w.z. de Ummah) ervoor heeft
gewaarschuwd. En het goede waar hij haar op heeft gewezen, is at-Tawḥīd en alles waar Allāh van
houdt en tevreden over is. En het kwaad waar hij voor gewaarschuwd heeft, is aş-Şirk en alles wat
Allāh haat en ontevreden over is.
Allāh heeft hem (d.w.z. de Profeet ) naar de gehele mensheid (en de Jinn) gezonden en Allah
heeft de gehoorzaamheid aan hem verplicht gesteld voor de gehele aţ-Ţaqalayn (de twee klassen): de
Jinn en de mensen. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

ً َ ْ ُ َ َّ ُ َُ ّ ُ
 ‫ قل يـٰٓ��ها ٱ�َّاس إ ِ ِ� رسول ٱ� ِ إِ�ْ�م �ِيعا‬
َ ُّ َ َ ْ ُ
Zeg (o Profeet): “O mensen, voorwaar, ik ben voor jullie allen de Boodschapper van Allāh.
[Sūrať al-ʾAʿrāf : vers 158]

[9] Tafsīr al-Baġawiyy, bij de uitleg van dit Vers uit Sūrať al-ʿAnkabūt.
[10]
Vermeld door Abū Dāwūd in zijn Sunan (#2479).
D E D RIE F UNDAME NTEN 24

En Allāh heeft de Religie middels hem vervolmaakt. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

ً َ ْ ْ
 ‫ٱ�سل ٰـ َم دِينا‬ ُ ُ َ ُ َ َ َ ْ ْ ُ َْ َ ُ ْ َ ْ ََ ْ ُ َ
َ ْ ُ َ ُ ْ َ ْ َ َْ ْ
ِ ‫ ٱ�وم أ�ملت ل�م دِين�م و��ممت علي�م ن ِعم ِ� ورضِ يت ل�م‬
Op deze dag heb Ik jullie godsdienst voor jullie vervolmaakt, en Mijn Gunst aan jullie voltooid
en de Islam voor jullie uitgekozen als religie.
[Sūrať al-Māʾidah : vers 3]

En het bewijs voor zijn  dood, is Zijn  Uitspraak:

َ ُ ََْ ْ ُ ّ َ َ َ َ ْ َ ْ َ ْ ُ َّ َّ ُ َ ُ ّ َّ ُ َّ ٌ ّ َ َ َّ
ِ ‫{ �م إِن�م يوم ٱلقِي ٰـمةِ عِند ر�ِ�م �ت‬30} ‫ إِنك ميِت ��هم ميِتون‬
{31} ‫صمون‬
Voorwaar, jij (o Profeet) zult sterven en waarlijk, zij zullen (ook) sterven. {30} Vervolgens zullen
jullie waarlijk op de Dag der Opstanding bij jullie Heer redetwisten. {31}
[Sūrať az-Zumar : vers 30 en 31]

En de mensen zullen na hun dood worden opgewekt. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

ْ ُ ًَ َ ْ ُ ُ ُْ َْ َ ْ ُ ُ ُ َ َ ْ ُ
ٰ ‫ مِنها خلقن ٰـ�م و�ِيها نعِيد�م ومِنها �رج�م تارة أخ َر‬ ََْ َ َْ
{55} ‫ى‬ ِ
Daaruit (d.w.z. uit aarde) hebben Wij jullie geschapen. En daarin laten Wij jullie terugkeren.
En daaruit zullen Wij jullie een andere keer (nogmaals) voortbrengen. {55}
[Sūrať Tā-Hā : vers 55]

En Zijn  Uitspraak:

ً ْ ْ ُ ُ ْ َُ َ ْ ُ ُ ُ َّ ُ
{18} ‫{ �م يعِيد�م �ِيها و�خ ِرج�م إِخ َراجا‬17} ‫ض �باتا‬
ً ََ َْْ
ِ ‫ وٱ� أ�بت�م م َِن ٱ�ر‬ ّ ُ َ َ َ ُ َّ َ
En Allāh heeft jullie uit de aarde voortgebracht. {17} Vervolgens doet Hij jullie daarin
terugkeren, en brengt Hij jullie eruit voort. {18}
[Sūrať Nūḥ : vers 17 en 18]

En na de wederopstanding zullen zij de Ḥisāb (de Verrekening en de Afrekening) en Jazāʾ (de


Beloning en de Vergelding) krijgen naar gelang hun daden. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

َ ْ ْ
ُ ‫ِين أحسنوا ب‬
{31} �‫ٱ�س‬
ُ َ ْ َ َّ ْ ََ ُ َ َ
َ �‫ِين أسـٰٓـ ٔوا بما ع ِملوا و�جز َى ٱ‬ ُ ََ
َ �‫ ِ�َجز َى ٱ‬ َّ ْ
ِ ِ ِ ِ
…opdat Hij degenen die het slechte verricht hebben zal vergelden vanwege dat wat zij verricht
hebben, en Hij degenen die het goede verricht hebben zal belonen met het Goede (d.w.z. met het
Paradijs). {31}
[Sūrať an-Najm : vers 31]

En wie de wederopstanding verloochend, heeft ongeloof gepleegd. En het bewijs is Zijn 


Uitspraak:

ٌ َ َّ َ َ َ َ َ ْ ُ ْ َ َ َّ ُ َّ َ َ َّ ُ َّ ُ َ ْ َ ّ َ َ َ َ ْ ُ َُُْ َّ َ ٓ َ َ َّ َ َ
ِ � ِ �‫� ور ِ� �ُبع� �م �ُنبؤن بِما ع ِملتم وذٰل ِك � ٱ‬
{7} �‫س‬ َ �‫ ز� َم ٱ‬
ٰ ‫ِين �ف ُروا أن لن �بعثوا قل ب‬
25 H ET DERDE FUNDAMENT : H ET KE NNEN VAN JULLIE P ROFEET M UḤAMMAD 

Degenen die niet geloven beweren dat zij niet opgewekt zullen worden. Zeg (o Muḥammad):
“Welzeker, bij mijn Heer! Jullie zullen zeker worden opgewekt. Vervolgens zullen jullie zeker
bericht worden over dat wat jullie deden. En dat is gemakkelijk voor Allāh.” {7}
[Sūrať at-Taġābun : vers 7]

En Allāh heeft alle Boodschappers gestuurd als verkondigers van verheugende Tijdingen en als
waarschuwers. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

ُُّ َ ْ َ ٌ َّ ُ َّ ََ َّ
َ ‫�ن ومنذِر‬ َ ُ َ َّ َ
َ �ِ ‫ رس� مب‬ َُ ّ َ ُّ ً ُ ُّ
‫ل‬
ِ ‫اس � اللـهِ حجة �عد الرس‬
ِ ‫�ن �ِ � ي�ون ل ِلن‬ِ ِ
Boodschappers (die) als verkondigers van verheugende Tijdingen en (als) waarschuwers (zijn
gestuurd), opdat de mensen geen excuus zullen hebben tegenover Allāh na (het sturen van) de
Boodschappers.”
[Sūrať an-Nisāʾ : vers 165]

De eerste van hen is Nūḥ  en de laatste van hen is Muḥammad . En het bewijs dat de eerste
van hen Nūḥ  is, is Zijn  Uitspraak:

َْ َ ّ َ ُ َ َ ْ َ ْ َ َ َ َ َ َ ْ َ ْ َ َّ
ِ ‫وح وا�َّبِي ِ� مِن �ع‬
 ِ ‫ده‬ ٍ ‫ إِنا أوحينا إِ�ْك كما أوحينا إ ِ ٰ� ن‬
Voorwaar, Wij openbaarden aan jou (o Profeet), zoals Wij openbaarden aan Nūḥ en de
Profeten na hem.
[Sūrať an-Nisāʾ : vers 163]

En tot iedere gemeenschap heeft Allāh een boodschapper gezonden, vanaf Nūh tot aan
Muḥammad (), die hen beveelt tot het aanbidden van Allāh alleen en hen het aanbidden van de
Ṭāġūt verbiedt. En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

َ ُ َّ ُ َ ْ َ َ َّ ُُْ َ ً ُ َّ َّ ُ ّ ُ َْ َ َ ْ َََ
 ‫ن ٱ�بدوا ٱ� وٱجتن ِبوا ٱلط ٰـغوت‬
ِ ‫� أم ٍة رسو� أ‬
ِ �ِ ‫ ولقد �عثنا‬
En voorzeker, Wij hebben naar iedere gemeenschap een boodschapper gezonden (met):
“Aanbid Allāh en vermijd de Ṭāġūt.”
[Sūrať an-Naḥl : vers 36]

En Allāh heeft het ongelovig zijn in de Ṭāġūt en het geloven in Allāh, verplicht gesteld voor alle
dienaren. Ibn al-Qayyim  zei: “Aṭ-Ṭāġūt is alles waarmee de dienaar zijn grens overschrijdt, in
aanbidding, navolging of gehoorzaamheid.”[11] En de Ṭawāġīt (meervoud van Ṭāġūt) zijn velen in
aantal, en de kopstukken ervan zijn vijf:

1. Iblīs, moge Allāh hem vervloeken.


2. Wie aanbeden wordt en er tevreden over is.
3. Wie uitnodigt naar de aanbidding van hemzelf.
4. Wie beweert iets van de kennis van het ongeziene te hebben.
5. Wie oordeelt met iets anders dan wat Allāh geopenbaard heeft.

[11]
Iʿlām al-Muwaqqiʿīn 1/64.
D E D RIE F UNDAME NTEN 26

En het bewijs is Zijn  Uitspraak:

َْ ْ َْ ُْ َ َ َْْ َ َ َّ َُْ ُ َّ ْ ُْ َ َ َ َْ
ّ َ ُ ْ َ َّ َ َّ َ ّ َ ْ َ
ٰ �‫وت و�ؤ ِم ۢن بِٱ� ِ �ق ِد ٱستمسك بِٱلعروة ِ ٱل ُو‬
� ِ ‫� �من ي�فر بِٱلط ٰـغ‬ ُّ َ
ِ ‫ِين قد �ب� ٱلرشد مِن ٱل‬
ِ �‫ � إِكراه ِ� ٱ‬
Er is geen dwang in de Religie. Voorzeker, de Leiding is duidelijk van de dwaling te
onderscheiden. Wie de Ṭāġūt verwerpt en in Allāh gelooft, heeft voorzeker het meest krachtige
houvast gegrepen…
[Sūrať al-Baqarah : vers 256]

En dit is de betekenis van Lā ilāha illa l-Lāh (niets en niemand heeft het recht om aanbeden te
worden behalve Allāh).

En in de overlevering staat:

ُ َْ
َ ‫ﺎد ﻲﻓ‬ َ‫ َوذ ْر َو ُة َﺳﻨ‬،‫ﻼة‬
ُ َّ ُ ُ ُ َ َ َ ُ َْ
ْ ‫اﻷ ْمﺮ اﻹ‬
- ‫ﷲ‬
ِ ‫ﻴﻞ ا‬‫ب‬
ِ ِ ‫ﺳ‬ ِ ‫ﻬ‬ ‫اﺠﻟ‬
ِ ‫ﻪ‬
ِ ‫ﻣ‬
ِ ‫ﺎ‬ ِ ‫الﺼ‬ ‫ه‬‫ﻮد‬‫ﻤ‬ � ‫و‬ ، ِ‫ﻼم‬‫ﺳ‬ ِ ِ ‫رأس‬ .
“Het hoofd van de zaak is de Islām, de paal ervan (die het staande houdt) is het gebed en de top
ervan is al-Jihād voor de zaak van Allāh.”[12]

En Allāh weet het beter. En moge de ṣalāh van Allāh en Zijn Salām op Muḥammad, zijn
volgelingen en zijn metgezellen zijn.

[12]
Overgeleverd door at-Tirmiḑiyy in zijn Sunan (#2616) en door Aḥmad in zijn Musnad (#22016).