Anda di halaman 1dari 8

BIJLAGE 1

Doorlopende leerlijn stages IEDERSLAND COLLEGE Gedragscompetenties

Lj 1 Klassikale maatschappelijke stage Lj 2 Sponsorschaats Lj 3 Individuele maatschappelijke stage Lj 3 Beroepsstage Lj 4 Verdiepende beroepsstage

Gedragscompetenties MAS leerjaar 1:


8 uur klassenproject 3 uur nevenproject

Planning/ Organisatie / Kennis: De leerling weet wat vrijwilligers werk is De leerling weet wat de bedoeling van de MAS dag is De leerling weet waar de organisatie voor staat De leerling is op tijd tijdens de stagedag

Samenwerken De leerling kan samenwerken met zijn of haar klasgenoten

Inzet & zelfstandigheid De leerling toont initiatief De leerling werkt met plezier

Reflectie De leerling kan samen met de klas reflecteren op de MAS dag en de aanloop er naar toe

Gedragscompetenties MAS leerjaar 2:


8 uur sponsorschaats 3 uur nevenproject

Planning/ Organisatie / Kennis: De leerling weet wat vrijwilligers werk is De leerling weet wat de bedoeling van de MAS dag is De leerling weet waar de organisatie voor staat De leerling is op tijd tijdens de stagedag en weet hoe hij op de Jaap eden baan moet komen. De leerling is op tijd met het werven van sponsoren ( tijdsplanning) De leerling rondt het project af conform de afspraken

Presentatie / communicatie: De leerling kan zichzelf presenteren De leerling kan gesprekken voeren op basis van de geleerde gesprekstechnieken De leerling kan het MAS doel verwoorden aan derden (stappenplan)

Samenwerken De leerling kan samenwerken met zijn of haar klasgenoten

Inzet & zelfstandigheid De leerling toont initiatief De leerling werkt met plezier

Reflectie De leerling kan samen met de klas reflecteren op de MAS dag en de aanloop er naar toe De leerling kan reflecteren op het eigen functioneren De leerling produceert een verslag als eindproduct

Veiligheid De leerling is zich bewust van de gevaren van de ijsbaan en handelt hiernaar

Gedragscompetenties MAS leerjaar 3:


8 uur individuele stage

Planning/ Organisatie / Kennis: De leerling weet wat vrijwilligers werk is De leerling weet wat de bedoeling van de MAS dag is De leerling weet waar de organisatie voor staat De leerling is op tijd tijdens de stagedag De leerling weet wat de werkzaamheden zijn en maakt die af De leerling kan zijn eigen werk organiseren

Presentatie / communicatie: De leerling kan zichzelf presenteren De leerling kan gesprekken voeren De leerling past zich aan aan de manier van werken in de organisatie De leerling past zijn of haar taalgebruik aan De leerling kan doelgericht vragen stellen

Samenwerken De leerling kan samenwerken met zijn of haar collegas binnen het MAS bedrijf De leerling weet zijn of haar houding te bepalen met betrekking tot collegas De leerling is bereid collegas te helpen

Inzet & zelfstandigheid De leerling toont initiatief De leerling werkt met plezier De leerling voert opdrachten uit

Reflectie De leerling kan zelfstandig reflecteren op eigen functioneren De leerling kan negatieve feedback omzetten tot de gewenste verandering

Veiligheid - De leerling is zich bewust van de gevaren in het bedrijf en handelt hierna

Gedragscompetenties Beroepsstage leerjaar 3:


2 weken individuele stage ( 5 dagen van 8 uur)

Planning/ Organisatie / Kennis: De leerling kent de doelstelling van het bedrijf De leerling is op tijd tijdens de stagedagen De leerling weet wat de werkzaamheden zijn en maakt die af De leerling kan zijn eigen werk organiseren

Presentatie / communicatie: De leerling kan zichzelf presenteren De leerling kan gesprekken voeren De leerling past zich aan aan de manier van werken in de organisatie De leerling past zijn of haar taalgebruik aan De leerling kan doelgericht vragen stellen De leerling houdt in zijn presentatie rekening met persoonlijke hygine- en verzorging De leerling stelt zich vriendelijk op naar collegas en clinten.

Samenwerken De leerling kan samenwerken met zijn of haar collegas binnen het bedrijf De leerling weet zijn of haar houding te bepalen met betrekking tot collegas De leerling is bereid collegas te helpen

Inzet & zelfstandigheid De leerling toont initiatief De leerling werkt met plezier De leerling voert opdrachten uit De leerling begrijpt de werkzaamheden en zet zich hiervoor in De leerling kan de opgedragen werkzaamheden zelfstandig uitvoeren De leerling is verantwoordelijk voor netjes uitvoeren van de opdrachten De leerling werkt op tempo

Veiligheid De leerling is zich bewust van de gevaren in het bedrijf en handelt hierna

Instructie / omgaan met leiding De leerling begrijpt instructies De leerling kan iets nieuws snel aanleren De leerling kan kritiek aanvaarden De leerling kan theoretische kennis toepassen De leerling kan goed naar zijn stagebegeleider luisteren

Reflectie De leerling kan zelfstandig reflecteren op eigen functioneren De leerling kan verwoorden wat er wel en niet goed is gegaan na afronding van een bepaalde activiteit De leerling heeft inzicht in de verbeterpunten en kan die toepassen op zijn eigen handelen De leerling kan kritiek betrekken op het eigen gedrag en niet op de persoon De leerling neemt tijd om na te denken De leerling produceert een verslag als eindproduct

Gedragscompetenties Beroepsstage leerjaar 4:


10 weken individuele stage ( 1 dag per week)

Planning/ Organisatie / Kennis: De leerling kent de doelstelling van het bedrijf De leerling is op tijd tijdens de stagedagen De leerling weet wat de werkzaamheden zijn en maakt die af De leerling kan zijn eigen werk organiseren De leerling kan overleggen over de taak die hij moet uitvoeren De leerling kan zelfstandig de opdracht uitvoeren De leerling kan de tijd bewaken, tijdschema volgen en bijstellen

Presentatie / communicatie: De leerling kan zichzelf presenteren De leerling kan gesprekken voeren De leerling past zich aan aan de manier van werken in de organisatie De leerling past zijn of haar taalgebruik aan De leerling kan doelgericht vragen stellen De leerling kan zijn mening geven over veranderingen en tegenvallers De leerling kan zich aanpassen aan nieuwe omstandigheden De leerling houdt in zijn presentatie rekening met persoonlijke hygine- en verzorging De leerling stelt zich vriendelijk op naar collegas en clinten. De leerling kan gericht op klanten afgaan en meerdere mogelijkheden als antwoord op de gestelde vraag geven

Samenwerken De leerling kan samenwerken met zijn of haar collegas binnen het bedrijf De leerling weet zijn of haar houding te bepalen met betrekking tot collegas De leerling is bereid collegas te helpen De leerling maakt deel uit van een groep en kan samen aan de opdracht werken De leerling neemt zijn verantwoordelijkheid door de gemaakte afspraken na te komen De leerling kan de bijdrage van andere waarderen De leerling draagt bij aan een goede sfeer in de groep De leerling houdt rekening met de mening van anderen

Inzet & zelfstandigheid De leerling toont initiatief De leerling werkt met plezier De leerling voert opdrachten uit De leerling begrijpt de werkzaamheden en zet zich hiervoor in De leerling kan de opgedragen werkzaamheden zelfstandig uitvoeren De leerling is verantwoordelijk voor netjes uitvoeren van de opdrachten De leerling werkt op tempo De leerling kan zelfstandig relevante informatie / uitzoeken en selecteren De leerling kent de belangrijkste regels binnen en het bedrijf en houdt zich hieraan

De leerling kan de klant op een professionele manier adviseren De leerling neemt initiatief en speelt in op nieuwe mogelijkheden

Veiligheid De leerling is zich bewust van de gevaren in het bedrijf en handelt hierna

Instructie / omgaan met leiding De leerling begrijpt instructies De leerling kan doelgericht vragen stellen over de instructie De leerling kan iets nieuws snel aanleren De leerling kan kritiek aanvaarden De leerling kan theoretische kennis toepassen De leerling kan goed naar zijn stagebegeleider luisteren

Reflectie De leerling kan zelfstandig reflecteren op eigen functioneren De leerling kan een inschatting maken over de consequenties van zijn eigen handelen De leerling heeft inzicht in de verbeterpunten die hij kan toepassen op zijn eigen handelen De leerling kan aangeven wat de eigen talenten en leerpunten zijn De leerling kan verwoorden wat er wel en niet goed is gegaan na afronding van een bepaalde activiteit De leerling heeft inzicht in de verbeterpunten en kan die toepassen op zijn eigen handelen De leerling kan kritiek betrekken op het eigen gedrag en niet op de persoon De leerling neemt tijd om na te denken De leerling produceert een verslag als eindproduct